Straatnaam Vliegplein en Air-Plein in Zwartberg

De toegangsweg naar het vliegveld van Genk-Zwartberg verandert van naam ter hoogte van het kruispunt met de Zenobe Grammestraat. Van ‘Henri Forir straat’ wordt het dan ‘Vliegplein’.
Op die plaats heeft de stad Genk tevens een speelplein ingericht met de toepasselijke naam ‘Air-Plein’. Op dit speelplein staan twee houten speeltuigen, aangepast aan de locatie, namelijk een vliegtuig en een helikopter.

Uiteraard verwijst de naam ‘Vliegplein’ naar het nabijgelegen vliegveld Zwartberg (EBZW), Zwartberg is een wijk van de stad Genk. Karel Baeten heeft grondig onderzoek verricht naar de geschiedenis van dit vliegveld, hij schreef deze tekst over Zwartberg.

Leon Wolters uit Tongeren schrijft rond nieuwjaar 1955 een brief aan het schepencollege van de gemeente Genk met de vraag om een vliegveld op te richten. Er werden vijf mogelijke vestigingsplaatsen voorgesteld. Het college was principieel akkoord (7 januari 1955) en Zwartberg werd als terrein gekozen. De burgemeester en schepenen werden op 7 mei schriftelijk op de hoogte gebracht van de oprichting van een Limburgse vliegclub met de benaming ‘Aero-Limburg vzw’. De statuten verschenen in het Staatsblad van 6 augustus. Schepen van openbare werken Bijnens was de gemeentelijke vertegenwoordiger. Op 1 september werd een akkoord bereikt met het Ministerie van Verkeerswezen, Bestuur der Luchtvaart, om de verlaten en demonteerbare gebouwen van Kiewit over te brengen naar Zwartberg. Pas op 20 maart 1957 werd schriftelijk bepaald dat de Regie der Gebouwen het genot van de loods en de bijgebouwen afstaat aan de gemeente Genk voor de duur van twintig jaar aan één Belgische Frank per jaar.

Het veld werd na een grondige maaibeurt van de heide goedgekeurd door het Bestuur der Luchtvaart. Het vliegen op een zandpiste was echter van korte duur wegens het verzanden. Een Duitse professor deed de suggestie een bepaalde grassoort te gebruiken maar die voldeed evenmin. Tenslotte werd de piste volledig met een grasmat bedekt. Dit was efficiënt en de graspiste bleef tot ieders voldoening in gebruik. In 1956 kreeg het vliegveld een omheining.

De eerste instructeur was de heer Blavier (+) uit Verviers, die enkele uren per week kon besteden aan zijn taak. Er werd een Piper Cub aangekocht en op 2 september 1956 werd een eerste vliegmeeting georganiseerd op het nieuwe vliegveld. Jammer genoeg ontstonden al snel financiële problemen.

Op 5 juli 1957 werd een nieuwe vereniging gesticht: de ‘Limburgse Vleugels vzw’. De statuten van deze vereniging verschenen in het Staatsblad van 27 juli 1957. Aero-Limburg verliet het vliegveld van Zwartberg en het terrein werd aan de nieuwe vereniging overgedragen. De heer L. Bijnens werd de nieuwe voorzitter en vormde samen met burgemeester G. Bijnens en de heren Heynickx, Pijls en François het bestuur. De doelstellingen van de vereniging waren:
-kennis van de luchtvaart bevorderen, verspreiden en beoefenen met een sportief en opvoedend doel,
-steun verlenen aan alle ondernemingen gericht op luchtvaart, -propaganda en -kennis,
-roepingen te verwekken voor het personeel van de Belgische Luchtmacht, zowel burgerlijk als militair.
Bij de oprichting van de vzw stelden de stichters zich persoonlijk verantwoordelijk voor het financieren van de aangekochte vliegtuigen.
De uitbating van het vliegveld werd door het schepencollege toevertrouwd aan de Limburgse Vleugels vzw.

In de beginjaren worden kosten noch moeite gespaard om de luchtvaart te promoten. Bijna jaarlijks werd een grote airshow georganiseerd met deelnemers uit binnen- en buitenland. Er was altijd een uitgebreide vertegenwoordiging van militaire toestellen en demoteams.
Tegelijkertijd ontwikkelde zich op de terreinen van de club een bloeiende modelafdeling die al snel bekendheid krijgt over de hele wereld. De wereldtop in de modelvliegdisciplines zakt jaarlijks af naar de unieke faciliteiten, die bestaan uit vijf competitiecirkels voor de lijnbesturingssectie en een grote piste voor de radiobestuurde toestellen. Meerdere Europese en Wereldkampioenschappen worden er in de jaren zestig en zeventig georganiseerd.

In het midden van de jaren zestig wordt het zweefvliegen stevig gepromoot en ontstaat er een bloeiende zweefvliegsectie.

Vanaf 1967 beschikt de club over een vaste instructeur voor het opleiden van piloten voor motorvliegen. Op 5 augustus werd de tiende verjaardag van de club gevierd met een vliegshow met een indrukwekkende militaire deelname van o.a. de Red Devils , F-104 Starfighter, F-84 Thunderstreak en SV-4b (Les Manchots).

In 1970 bestaat de vloot van de Limburgse Vleugels uit twee lestoestellen, twee reis- en rondvluchttoestellen en vier zweefvliegtuigen.

In 1971 wordt de gloednieuwe verkeerstoren ingehuldigd door minister van verkeerswezen Alfred Bertrand. Ook in de jaren zeventig wordt de traditie van airshows voortgezet met op 27 juni 1976 o.a. De Red Devils, Red Arrows, Frecce Tricolori, C-130, Tipsy Nipper, S-58, F-4 Phantom, enz.

In de jaren tachig nemen clubleden Michel Notelaers en Paul Spaepen deel aan verschillende luchtrally’s:
1981: Het duo Notelaers – Spaepen neemt deel aan de eerste Air Transat: Parijs – New York – Parijs met de Mooney OO-LVS ‘Spirit of Limburg’.
1984: Michel Notelaers neemt deel aan de Transafricaine Aérienne: Paris – Libreville – Paris. met de Mooney OO-ABS.

Door de jaren heen vindt ook een paraclub een vaste stek op het vliegveld. Van 21 tot 29 juni 1986 organiseerde ze haar tweede Black Mountain Boogie met meer dan 200 deelnemers van over de hele wereld.

Op 7 mei 1998 maakte het Belang van Limburg bekend dat er een bouwvergunning voor de verharding van de piste was afgeleverd. De graspiste werd geasfalteerd in de loop van augustus en september en is officieel in gebruik genomen vanaf 25 september 1998. De nieuwe verharde piste is 830m lang en 23m breed.

Doorheen de jaren vestigen zich in de rand van het vliegveld een aantal luchtvaart gerelateerde kmo’s: Smets Aviation Service nv, Flight Advise bvba, ASP Avionics nv, European Support Center bvba.

In 2006 bestaat de vloot van de Limburgse Vleugels uit zeven motorvliegtuigen voor opleiding, luchtdopen en reisdoeleinden en ook een motorvliegtuig-sleper en zeven zweefvliegtuigen.

In 2008 viert de vzw haar vijftigste verjaardag en vanaf dan wordt de officiële benaming ‘Koninklijke Limburgse Vleugels.’

In 2014 wordt beslist om de originele oude en intussen tot op de draad versleten hangars af te breken en te vervangen door een modern complex met plaats voor zowel de clubtoestellen, een werkatelier, opleidingslokalen en een evenredig gedeelte voor de particuliere medefinanciers van dit bouwproject. Het resultaat is een tweedelig modern gebouw van 120m dat in 2017 tijdens het zestigjarige clubjubileum extra in de picture werd gezet.

Het vliegveld huisvest naast de eigen toestellen ook een heel aantal privétoestellen waaronder een zeer zeldzame Lockheed Electra uit 1938, een Pilatus PC-7 en PC-12, Cap 10, SV-4, een Piper J3, enkele Stemme-motorzwevers, een Boeing Stearman … om er maar enkelen op te noemen.

Het vliegveld biedt naast de club en de kmo’s ook nog onderdak aan de dropzone Zwartberg van Skydive Flanders en een Approved Training Organisation (ATO). Deze vliegschool is gekwalificeerd voor de uitvoering van opleidingen met het oog op het (opnieuw) verkrijgen van (Europese) bewijzen van bevoegdheid als piloot en daarmee samenhangende bevoegdheidsverklaringen en certificaten.

De modelafdeling heeft in de loop der jaren een aantal pistes zien plaats ruimen voor de bedrijven. De bekende ronde RC-piste werd in omgevormd 2012 tot een meer traditionele vliegstrip van 80m lang
.
Een van de volgende projecten op het vliegveld is het vervangen van het laatst overgebleven gebouw uit de beginperiode: het clubhuis met de verkeerstoren. Het project is in volle ontwikkeling en zal in de volgende jaren verder ontplooid worden. Intussen worden kosten noch moeite gespaard om de blijvende integratie van het vliegveld op de bestaande locatie te faciliteren. Zo zijn er sinds 2015 opnieuw (nu tweejaarlijkse) opendeurdagen (Fly Ins) om de mensen uit de omgeving en andere luchtvaartenthousiasten kennis te laten maken met de activiteiten op en rond het vliegveld. De editie van 2022 trok meer dan vijfduizend toeschouwers en daarmee blijft de club ook na meer dan 65 jaar trouw aan het eerste punt van hun doelstellingen, nl luchtvaart promoten bij het grote publiek.

Bronnen: Archief Karel Baeten, Archief Heidebloemke Genk, Archief Limburgse Vleugels, foto-archief Eric Kennis, Archief hBvL, Patrick Vanhamel

Met dank aan Karel Baeten voor de tekst over de geschiedenis van het vliegveld van Zwartberg.

Beelden: © Karel Baeten | © Patrick Vanhamel
Datum registratie:
28/8/2022
Eigenaar:
Genk
Locatie:
Straatnaam Vliegplein en Air-Plein in Zwartberg
Adres:
Vliegplein, Genk
Lengtegraad:
5°31’22.1″E
Breedtegraad:
51°00’52.5″N

FEEDBACK

Deze website maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren. Door verder te surfen, stemt u in met ons Privacy & Cookie beleid. Accepteren Lees meer

'Deze Accepteren Lees meer