Een Mirage-cockpit in de tuin

201601_MIR2_FVH_

Gingelom, 28 december 2015. Celle De Petter vloog achttien jaar met Mirage 5. Een cockpitsectie van zijn geliefde vliegtuig heeft nu een plaats gekregen in zijn tuin. Hangar Flying mocht plaats nemen in het vroegere ‘kantoor’ van Celle, de cockpit van de BA27. 

Mirage 5BA BA27 van het 8ste smaldeel, 3 Wing van Bierset, genomen te Waddington gedurende de Tactical Fighter Meet 86 (TFM, eerste tekening op de neus) die plaatsvond tussen 4 en 8 augustus 1986. De tweede tekening op de neus wijst naar de Allied Mobile Force (AMF) Turkey. AMF was een snelle interventiemacht van de NAVO die als doel had om de lidstaten bij te staan bij agressie van buiten uit. (Archief Frans Van Humbeek, Jean-Pierre Decock)

In augustus 1968 werden door de Belgische Luchtmacht bij Dassault 106 Mirage 5 besteld, waarvan 63 BA eenzitters, 16 BD duo-trainers en 27 BR verkenners. Vanaf juni 1970 kwamen de eerste toestellen toe in de eenheden. In 1988 overwoog men de levensduur van twintig toestellen te verlengen dankzij het Mirage System Improvement Program (MIRSIP.) De aangepaste toestellen kwamen echter in de stock van Weelde terecht, in 1994 volgde een verkoop aan Chili. Het Franse elektronicabedrijf Société d’Applications Générales de l’Électricité et de la Mécanique (SAGEM) kocht in 1998 de overblijvende toestellen die nog in België waren opgeslagen. Verschillende Mirages kwamen in musea terecht. Mirages van SAGEM werden overgenomen door de Franse firma SOFEMA die van deze vliegtuigen nu een massa onderdelen bezit en verkoopt. Celle kocht zijn Mirage-cockpit van een Parijse verzamelaar.

Celle De Petter bij zijn Mirage-cockpit: “3.200 uren vloog ik op Mirage. Enkel Auguste ‘Gus’ Janssens deed het beter met meer dan 4.000 uren.”  (Foto Frans Van Humbeek)

 

Met een speciaal transport werd de cockpitsectie van acht meter lengte en een gewicht van twee ton in mei 2014 naar Gingelom vervoerd. Het dak van een tuinhuis onderging vernieuwing, het toestel staat nu droog en vooral veilig gestald. Eens ook de houtvoorraad is opgestookt –we hopen nu vooral op een koude winter– zal ook het voorste deel van de neus op de cockpitsectie gemonteerd worden.

Celle: “Op 13 mei 1974 vloog ik mijn eerste solo met Mirage 5BA, met de BA19 waarmee ook prins Filip zijn eerste solo zou vliegen. Eerst kwam ik in het 2e Smaldeel terecht in Florennes, later verhuisde ik als instructeur naar Bierset, in het 8ste Smaldeel. Op 8 mei 1985 vloog ik als Squadron Leader van een formatie van vijf Mirage M5 toen ik met de BA19 nabij het Nederlandse Venlo problemen kreeg met de motor. Ik zette koers naar de basis Gütersloh. Nabij de basis moest ik mijn toestel verlaten met de schietstoel. Mijn rug was op twee plaatsen gekwetst. Met mijn bail out werd ik lid van de Ejection Tie Club (www.martin-baker.com/clubs/ejection-tie-club.) Zowel de Martin Baker-schietstoel als het lege patroon zijn bewaard gebleven. In het 8ste Smaldeel vloog ik tot 1991, toen het werd ontbonden na onze deelname aan de eerste Golfoorlog. Tot in 1996 bleef ik vliegen op C-130.”

Celle is lid van de beheerraad van de Mirage V Pilots Association (MPA.) Natuurlijk dat de leden van de vereniging hier vriend aan huis zijn. Voor de restauratie van de cockpit werkt hij nauw samen met een aantal mecaniciens van The White Bison (www.whitebison.be), de vriendenkring van de basis Bierset. Celle: “In dat team zit o.a. een mecanicien van 84 jaar. Het is ongelooflijk wat voor een schitterend werk hij nog verricht in deze cockpit. Die mannen van Bierset genieten zelfs van de vertrouwde geur van deze cockpit. Ook een vrijwilliger uit Brugge, zelf eigenaar van een uitgebreide Mirage-collectie, helpt ontzettend als File Support Specialist (FSS.)” Als ik het bureau van Celle bezoek merk ik dat er veel minder aandacht wordt besteed aan zijn tijd met de C-130. Blijkbaar is de band tussen de Mirage-piloten toch net iets groter dan deze tussen de oud-piloten van C-130.

Heel wat Mirage-memorabilia zijn door Celle tijdens zijn loopbaan aan verzamelaars geschonken. Het is pas nadat zijn loopbaan bij de Belgische Luchtmacht succesvol was afgerond dat hij gepassioneerd begon te zoeken naar het Mirage-luchtvaarterfgoed. Celle schreef daarover in de nieuwsbrief van de Mirage V Pilots Association: “Elk museum, elke luchtmachtbasis, vele firma’s, elke aanwijzing naar mogelijke instrumenten of restanten van onze Mirages in België heb ik gedurende maanden afgelopen, steeds op zoek naar verdere aanvullingen van ons M5-patrimonium. Mijn strooptocht heeft me ook reeds enkele keren naar Frankrijk gebracht.”

De prachtig gerestaureerde cockpit. (Foto Frans Van Humbeek)

Als ik plaatsneem in de Mirage-cockpit merk ik pas echt hoe prachtig ze is gerestaureerd. Celle sluit de prachtige cockpit boven mij, eerst had hij het bovenste deel van de stuurknuppel (met trim, vuurknop en transmissieknop) op de stick gevezen. In vergelijking met bijvoorbeeld de cockpit van de Mirage 5BA van de luchtvaartsectie van het Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis, is deze cockpit zeer compleet. Hier in de BA27 zit bijvoorbeeld nog de Radar Warning Receiver (RWR) RAPPORT II System (Rapid Alert Programmed Power management Of Radar Targets.)  Een instrument dat ook niet in de BA15 van het Luchtvaartmuseum zit is de aanwijzer van de mach cones, dat zijn halve kegels (souris) die zich bijna tegen de romp in de luchtinlaat van de motoren bevinden en bij supersonische snelheden wat naar voren gebracht worden. Bij aankoop van de BA27 waren ze vrijwel volledig uitgetrokken, de mecaniciens van White Bison hebben er veel werk moeten insteken om ze terug in de ingetrokken positie te kunnen plaatsen. De radio (op de linker console vooraan) werd tijdelijk uit de cockpit verwijderd, de mecaniciens proberen de link te leggen met de Frequentie Repeater. Het blijft opvallend hoe diep een Mirage-piloot in deze cockpit zit, in vergelijking met moderne toestellen als de F-16. Het enige mankement in deze cockpit lijkt het losgekomen wijzertje van de uitlaattemperatuur (EGT) maar dat wordt binnenkort hersteld. De cockpit is kraaknet, te danken aan een modelbouwer die ze urenlang met fijne borsteltjes heeft gereinigd. Het valt mij weer op hoe het stand-by kompas, de klok en de G-meter hoog in de cockpit staan en zorgen voor een slechte voorwaartse zichtbaarheid.

Celle De Petter: “Op deze BA27 vloog ik zelf 88 uur en 30 minuten.” (Foto Frans Van Humbeek)

Celle: “Het is de bedoeling om nog geluiden en filmbeelden te projecteren zodat de persoon die in de cockpit plaatsneemt ook perfect een start up kan ervaren. Het grootste deel van de verlichting in de cockpit werkt al terug, ook dankzij de kundige mecaniciens van Bierset.”

De cockpitsectie van de BA27 staat op een privéterrein en is niet toegankelijk is voor bezoekers. Zij die Celle op een of andere manier willen helpen kunnen contact opnemen via info@hangarflying.be

 

Frans Van Humbeek

Picture of Frans Van Humbeek

Frans Van Humbeek

is hoofdredacteur van Hangar Flying. Hij is freelance luchtvaartjournalist en auteur van verschillende luchtvaartboeken. Frans probeert zowat alle facetten van de Belgische luchtvaart op te volgen, maar zijn passie gaat vooral uit naar het luchtvaarterfgoed en de geschiedenis van de Belgische vliegvelden. Binnen het redactieteam van Hangar Flying zorgt hij ook voor de updates van www.aviationheritage.eu.

Deze website maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren. Door verder te surfen, stemt u in met ons Privacy & Cookie beleid. Accepteren Lees meer

'Deze Accepteren Lees meer