De privécollectie Frank Vanmuysen

Openingsfoto

Jodoigne, 6 augustus 2018. Even over de taalgrens staat een imposante vierkantshoeve. Een Russisch gevechtstoestel uit de Koude Oorlog, de geduchte MiG-21 UM, vond er rust en onderdak in de tiendenschuur van het voormalige landbouwcomplex uit de 17de eeuw.

Als handelsingenieur in spe werd Frank Vanmuysen (73) van zijn studies gelicht en met een zachte hand naar het racecircuit van Zolder geleid waar zijn vader het Hotel De Pits in de steigers aan het zetten was. De jonge twintiger ging het zich nooit beklagen, die handelstudies vond hij alvast veel te saai en een middenstandsopleiding voor bedrijfsbeheer ging hem als gegoten zitten. Een carrière als restauranthouder zat eraan te komen.

Noodlanding
De horeca-sector heeft het naar eigen zeggen vaak niet onder de markt, maar aan de goede kant van het marktplein bleek ene Frank Vanmuysen zich steeds op te houden. Samen met zijn vrouw ging hij het restaurant Aeroclub aan de Keiheuvel in Balen uitbaten. Wie zegt Keiheuvel, zegt zweefvliegen en daar kon Frank zich niet aan onttrekken. Maar tijdens een vlucht ging het flink fout. Zich te vlug losgemaakt van het trekkende motorvliegtuig door een defecte variometer en zich bij een heftige noodlanding – gelukkig – tussen twee betonpalen kunnen terugvinden… met enkel maar de cockpit. Zijn beide vleugels daarbij opgestuikt en zijn zin om nog verder te gaan zweefvliegen ook.

Le Tout Louvain
Na de Aeroclub in Balen kwam De Oude Kantien in Heverlee. Een gaarkeuken met eetgelegenheid waar de kost in aangereikte gamellen van het hongerige paardenvolk werd gemikt en ook hun viervoeters hun kop mochten binnensteken, de zweetlucht konden verkoelen. We schrijven 1596 en hebben het over een afspanning vlakbij het Kasteel van Arenberg. Ruim 400 jaar later telde het imposante gebouw een restaurant, feestzalen, een taverne en een tea-room. Frank en zijn vrouw gingen de zaak in 1976 runnen, een terras eraan toevoegen en uitbreiden tot 220 zitplaatsen. Le Tout Louvain en zijn universiteit kwam er over de vloer. Dat bracht aardig wat stuivers in de schuif, maar ook niet minder zorgen. Zijn huidige vrouw Kristina: “Van het personeelsverloop kon je soms stapel worden. Jobstudenten in het Leuvense genoeg maar als ’s zomers de hormonen gingen opspelen, gingen ze liever in de studentenkroegen aan de Oude Markt werken. En wat ik over mijn koks ooit heb gedacht, is niet voor publicatie bestemd.” (lacht)

2002. Zesentwintig jaar communiefeesten, trouwfeesten, verjaardagsfeesten, universitaire colloquia, recepties allerhande, doordeweekse en zondagse bezoekers laven en spijzen. Basta. Het mocht volstaan. De schaapjes op het droge gekregen.

Frank Vanmuysen: “Het was keihard werken geweest, maar dat weet je immers op voorhand: zwoegen en zweten terwijl je klanten in het plezier en vertier verkeren. Vooral de aanleg van het terras bleek een schot in de roos te zijn. Aanvankelijk bedoeld om enkel iets te drinken, maar binnen de kortste keren wou iedereen er ook gaan eten. Soms zag je de zaak in nauwelijks één kwartier vollopen! 220 plaatsen. En begin er maar aan als je personeel je dàn in steek laat. Niet zelden naast de kassa ook de afwasmachine mogen bedienen. Dat ik het ’n beetje aan mijn hart heb gekregen, dateert overigens uit die tijd.”

Frank stond onder de douche toen hij een aanbod kreeg om zijn zaak te verkopen en bijna had de koper hem er ook afgedroogd. Maar eens de ogen en oren uitgewassen en deftig in het pak kwam hij tot een even decente overeenkomst.

Junior collectioneur
Inmiddels hadden Frank en Kristina hun oog laten vallen op een prachtige vierkantshoeve in het Waalse Jodoigne. Quasi helemaal vervallen en voor geen prijs te koop. En ruim genoeg om Franks alsmaar groeiende verzamelingen in onder te brengen.

Frank: “Op mijn zestiende was ik reeds een verzamelaar van waardevolle voorwerpen geworden. Haast geen vrije tijd hebben zorgde al die jaren voor niet weinig frustraties, je geld beleggen was niet zonder risico’s en het deed niet alleen mijn passie maar ook mijn berekende investering voor het verzamelen toenemen.”

Dat was ook een reporter van Afrit Negen in het Antwerpse Veilinghuis Bernaerts ooit opgevallen. Frank Vanmuysen mocht zijn koopwoede in de ether komen verduidelijken.

Wat verslaggevers vandaag te zien krijgen in de schitterend gerestaureerde vierkantshoeve van het echtpaar Vanmuysen kan op z’n best met beeldmateriaal worden beschreven. De eerste én spontaan opwellende vraag van fotograaf Koen Kempeneers voor hij zich aan het werk ging zetten: “Wie doet hier al dat stof af?”

Ons bezoek ging maar liefst vier volle uren duren, weliswaar met een pauze voor koffie en gebak. Frank en Kristina weten immers hun klanten, pardon, hun gasten te ontvangen.

Oude tijden, nieuwe tijden
Schilderkunst, prachtig meubelwerk uit Lotharingen, exotische insecten als neushoornkevers, Congolese goliathkevers, tarantula’s, schorpioenen, versteende dinosauruseieren, 300 miljoen jaar oude fossielen van pijlinktvissen en zwaardvissen, opiumpijpen, blaaspijpen en olifantengetuig uit Zuidoost-Azië, tabaksdozen uit Papoea-Nieuw-Guinea, een Etruskische offerschaal uit de 7de eeuw voor Christus.

Vuurpijlpistolen, gedemilitariseerdebewapening van een Britse Lancaster bommenwerper, Engelse undercover radioapparatuur uit de WO II brengen ons enigszins terug naar de tijd en naar de reden van onze aanloop: Franks even indrukwekkende verzameling van hoofdzakelijk militair vliegtuigmaterieel – boordinstrumenten niet in het minst.

Of een defecte variometer bij het zweefvliegen de aanzet van zijn hele passie is geweest? Frank: “Neen, ik ben zoals gezegd steeds een fervente verzamelaar geweest.” En meteen troont hij ons mee naar zijn allereerste stuk: een houten propeller van een Avro 504 K uit 1918, een trainings- en gevechtsvliegtuig uit WO I.

Het huidige pronkstuk van zijn collectie: de cockpit van een Russische MiG-21 UM uit 1972. Tot eind 1990 eigendom van de Oost-Duitse luchtmacht en na de val van de Berlijnse Muur aangekocht door een privéluchtvaartmuseum in het Duitse Hermeskeil. Vandaag Franks trotse bezit. Het 1Wing Historical Center (1WHC) van Beauchevain wou het relict naast zijn pas gerestaureerde MiG-21 uit 1975 tijdelijk gaan tentoonstellen, maar die verhuis ging om een logistieke reden niet door. Hangar Flying is er alvast niet rouwig om: hoe onze fotograaf de MiG-21 in de tiendenschuur van de vierkantshoeve in beeld wist te brengen!

Ging de kop er meteen af, Koen Kempeneers kreeg niet weinig voorgeschoteld: de collectie Frank Vanmuysen gaan fotograferen en zich daarbij gaan beperken tot de luchtvaartgebonden museumstukken in de hoeve.

Een vitrinekast met zo’n 450 poederdoosjes – juweeltjes van minutieus vakwerk, ingelegd met steentjes, zelfs met ingebouwde uurwerkjes, daterend uit het interbellum en velen van Amerikaanse makelij – moest hij voorbij gaan lopen. Kristina’s fascinatie en pendant van ’s manliefs wereld, maar ze had er alle begrip voor.

Luca Swinnen
Foto’s: Koen Kempeneers (https://koenkempeneers.be)

  •  Houten schroef van een Avro 504 K, de allereerste aankoop van de zestienjarige Frank.

  •  
  • Onze gastheer met zijn Russische MiG-21 UM uit de voormalige DDR.

  •  
  • Franse Mystère Atar 101 D met een stuwkracht van 3 ton, goed voor de eerste supersonische vluchten in de jaren ’50. Werd na datum nog gebruikt als een mobile static om ’s winters de sneeuw weg te blazen in Zaventem. Rustend in de onderste helft van een stalen container. Eens gesloten, luchtledig getrokken voor een adequate bewaring.

  •  
  • Portaal van een Waals-Brabantse tiendenschuur of een tiendschuur, zo genoemd naar het afdragen van een tiende deel van de oogst als betaling van het pachtgeld in natura door de pachtende boeren. De Russische MiG-21 UM heeft op het eerste zicht meer afgestaan voor zijn onderkomen.

  •  
  • Dashboard van een Fairchild Flying Boxcar C-119.

  •  
  • Ook vrouwen worden F-16-piloot. De mannequin vat daarbij post naast een fixed-pitch wooden propeller van een Britse Hawker Hurricane Mark 1, ooit in dienst bij Belgische Luchtmacht. De schroef is het enige overblijvende onderdeel van de Belgische toestellen.

  •  
  • Hangar Flying-journalisten zijn niet zo thuis in Oost-Europese talen. Anders hadden ze de Russische MiG-21 UM-piloot wellicht aangesproken.

  •  
  • Militaire pilotenhelmen met zuurstofmaskers uit Israël, Rusland, Engeland en de U.S.

  •  
  • Dashboard van een Lockheed T-33 Shooting Star.

  •  
  • Schaalmodellen met op de voorgrond de driedekker Fokker Dr.1 uit 1917 van Manfred von Richthofen, alias De Rode Baron.

  •  
  • Luchtvaartmaatschappijen mogen hun klanten geen geschenken aanbieden, het zou alleen maar leiden tot concurrentievervalsing. Toch wou de Nederlandse KLM haar eerste klasse passagiers gaan verwennen met een kleine attentie: huisjes in Delfts Blauw porselein gevuld met jenever. De International Air Transport Association (IATA) kon er niet mee lachen en maakte bezwaar, maar de Hollandse handelsgeest had zijn antwoord al klaar: “Mogen wij nog beslissen hoe wij onze dranken willen serveren? Of is er soms een wet die een glas voorschrijft? Het gebruik dateert van 1952. De serie telt momenteel 98 historische Nederlandse gebouwen en houdt sinds jaren tred met het jaartal van de stichting van KLM op 7 oktober 1919. Elk jaar in oktober komt er een flesje of liever: een huisje bij.

  •  
  • Brandstofmeters, hoogtemeters, ampèremeters, toerentalmeters, variometers, et cetera. Hun pensioengerechtigde leeftijd hebben ze allen gemeen.

  •  
  • Ram Air Turbine (RAT) van een Starfighter F-104. De kleine windturbine wordt bij een panne uitgeklapt om het elektrische en hydraulische circuit van energie te kunnen voorzien. Ook alle eigentijdse verkeersvliegtuigen zijn ermee uitgerust.

  •  
  • Brandstofmeters uit WO II in een meer luxueuze residentie. Enkele snelheidsmeters verstoren er de verdiende rust.

  •  
  • Schietstoel van een MiG-21 UM.

  •  
  • Air-to-air radar van een Starfighter F-104 met een bereik van 135 km.

  •  
  • Standaard dashboard (het middenstuk) van een Britse Spitfire.

  •  
  • Dashboard van een Messerschmitt Bf 110.

  •  
  • De indrukwekkende cockpit van een MiG-21 UM. Ergonomie op de werkvloer was niet meteen een optie.

  •  
  • Klimov VK-1. De allereerste Russische turbinejetmoter die in productie werd genomen en was afgeleid van de Britse Rolls-Royce Nene. Een weinig stichtend verhaal overigens. Om na WO II goede diplomatieke betrekkingen te kunnen onderhouden met de gealliëerde Sovjet-Unie stond de Britse regering in 1946 de export toe van 40 Rolls-Royce Nene centrifugal flow turbojet engines.

    Groot was haar verbazing enige jaren later, toen bleek dat de Russen zonder enige licentieoverkomst die motoren doodleuk hadden nagebouwd. Rolls-Royce diende een gigantische schadevergoeding in, die door de Sovjets gelijk werd weggewuifd.

    De Koude Oorlog had zich inmiddels op gang getrokken. En de Russische MiGs-15 ‘Fagot’ en MiGs-17 ‘Fresco’ die werden ingezet in de Koreaanse oorlog van 1950 tot 1953 gingen worden uitgerust met de Klimov VK-1. De nagemaakte Britse Rolls-Royce Nene werd zo in de lucht een van de speerpunten in de strijd tegen de Westerse alliantie, waarvan ook het Verenigd Koninkrijk deel uitmaakte.

  •  
Luca Swinnen

Luca Swinnen

Freelance journalist (Panorama, Humo, Jambers, Deng), copywriter. Privé-piloot. Ook op de grond zit hij met het hoofd vaak boven de wolken. Dagdromer maar voor alle zekerheid toch een brevet nachtvliegen op zak gestoken. Woont in de buurt van het Franse Maubeuge met het zicht op weidse horizonten. Maakt ook als eindredacteur de Nederlandstalige teksten persklaar.

Deze website maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren. Door verder te surfen, stemt u in met ons Privacy & Cookie beleid. Accepteren Lees meer