De opgraving van Lancaster NN775 en crew in Glabbeek

Glabbeek, 11 november 2016. In de Pamelenstraat, vlakbij de watermolen en het riviertje de Velpe, startte onder een grijze hemel de opgravingswerken naar Lancaster NN775 en zijn bemanning. De bommenwerper stortte neer bij klaarlichte dag op 5 maart 1945 en de volledige bemanning kwam om het leven. Jaren later begonnen enkele plaatselijke geschiedkundigen, André Bruyninckx en Ben Cleynen, een onderzoek naar deze en twee andere crashes in de gemeente Glabbeek. Dit resulteerde in drie herdenkingsborden voor de bemanningsleden van deze drie vliegtuigen, twee van de RAF en een van de Luftwaffe, ingehuldigd op 11 november 2015 (zie ook www.aviationheritage.eu).

Uit het verder onderzoek kwam aan het licht dat er mogelijk nog stoffelijke resten van de bemanningsleden in de Lancaster aanwezig waren. De gemeente Glabbeek besloot om de mogelijkheid van een opgraving te onderzoeken en hiervoor de nodige financiële middelen vrij te maken. Ze werkten daarvoor samen met het Planehunters Recovery Team maar gezien de omvang van deze opgraving werden ook andere verenigingen en individuen bij het project betrokken. Zo kwam ook BAHA Archeology Team (AT) erbij maar ook kleinere groepen zoals Lost Planes. BAHA AT bracht dan enkele Vlaamse archeologen bij het project.

Op vrijdagochtend 11 november 2016 stond ongeveer iedereen die actief met luchtvaartarcheologie bezig is in Vlaanderen op de Glabbeeks wei. Iedereen wilde erbij zijn want één ding was zeker: een dergelijk grote opgraving komt er de eerste tien jaar niet meer.

Tekst en foto’s: Luc Wittemans

  • In april 2016 werd een proefopgraving en een dieptemeting gedaan en in augustus 2016 voerde Bom.be een bodemscan uit zodat de omvang van de opgraving beter kon ingeschat worden. In de weken voorafgaand aan de eigenlijke opgraving, had men al een droogzuiging geplaatst om de drassige ondergrond iets beter bewerkbaar te maken. Het eerste werk was het voorzichtig afschrapen van de bovenste laag teelaarde. Daarbij kwamen de eerste kleine onderdelen boven en kon men de aanwezigheid van aluminium vaststellen, voornamelijk afkomstig van de vleugels.

     

  •  
  • Na het voorzichtig afschrapen van de teelaarde, werden de contouren van het wrak zichtbaar: de vleugel en de plaats van de motoren. Er werd een korte pauze ingelast voor de eerste opmeting en het in kaart brengen van de site. Het Vlaams Agentschap Ruimtelijke Ordening en Onroerend Erfgoed dat de vergunning verleent voor archeologische opgravingen, verwacht een gedetailleerde rapportage over de opgraving en de vondsten. Voor de opmeting gebruikte het team archeologen gesofisticeerde apparatuur zoals deze GPS rover waarmee tot op enkele centimeters nauwkeurig kan gemeten worden.

     

  •  
  • Ook drones hebben hun intrede gedaan in de wereld van de archeologie. Met het toestel op de foto werden overzichtsfoto’s van de site gemaakt van een tiental meter hoogte.

     

  •  
  • De plechtigheden van 11 november en de opgravingen werden ook bijgewoond door een paar familieleden van een van de bemanningsleden. We zien hier op de foto Jeff Temple en Susan Waller, familie van Flight Sergeant Sidney Smith, de navigator. Ze hadden zelfgebakken koekjes meegebracht als blijk van waardering voor de inzet van zovele mensen en ze bleven drie dagen ter plaatse om de opgravingen vanop de eerste rij mee te maken.

     

  •  
  • De opgraving kon rekenen op heel wat publieke belangstelling. Gedurende drie dagen stonden er van ’s morgens vroeg tot aan het einde van de werkzaamheden rond 17 u constant tientallen mensen langs de weide. En het waren niet alleen Glabbeekenaren want de reportage in de nieuwsuitzendingen van 11 november lokte mensen van heinde en verre naar Glabbeek. Naar schatting probeerden ongeveer 2.000 mensen een glimp op te vangen van de opgravingen.

     

  •  
  • Een van de aanwezige groepen was het Honor Guard Team Europe, een groepje van vrijwilligers die overal plechtigheden opluisteren met een militaire erewacht met authentieke Amerikaanse uniformen en replica wapens. Ze brachten niet alleen een militaire groet aan de gevallenen maar bewaakten gedurende drie dagen en twee nachten de site. En dat was nodig want al tijdens de nacht van vrijdag op zaterdag kwamen enkele onverlaten ’s nachts het terrein opgereden, duidelijk niet met zuivere bedoelingen. De aanwezigheid van de mensen van de Honor Guard schrikte hen af en ze maakten zich snel uit de voeten, zo snel dat een buitenspiegel van hun voertuig sneuvelde.

     

  •  
  • De graafmachine deed het zware werk onder het toeziend oog van de archeologen en een paar mensen van de luchtvaartarcheologische groepen met ervaring met dergelijke opgravingen. De opgegraven aarde en klei werd rond de put verspreid waarop enkele tientallen vrijwilligers zich erop stortten om er zoveel mogelijk kleine onderdelen uit te vissen.

     

  •  
  • Zaterdagnamiddag kwamen de eerste grote onderdelen boven: een wielpoot met wiel en rubberband en een motor. Op de wei hing een sterke geur van motorbrandstof die zich had vermengd met de klei en uit de vier meter diepe put opsteeg. Op zondagvoormiddag gingen de opgravingen verder en werden opnieuw grote onderdelen zoals een motor en schroefbladen bovengehaald. Zowel op zaterdag als op zondag werden stoffelijke resten van de bemanning gevonden.

     

  •  
  • Zondag, kort na de middag werd de put terug gevuld terwijl de talrijke vrijwilligers nog druk in de weer waren met het zeven van grote hoeveelheden zand en klei, op zoek naar de laatste kleine onderdelen. Daarbij kwamen o.a. grote aantallen machinegeweerkogels boven. De opgegraven onderdelen werden dagelijks afgevoerd naar een loods van de gemeente Glabbeek waar ze in de daarop volgende dagen schoongemaakt en verder onderzocht werden. Volgend jaar 29 april-1 mei komt er een tentoonstelling over de drie crashes en de opgravingen. Daarna zullen de resten van het vliegtuig worden overgedragen aan het museum van de basis Waterbeach in Groot-Brittannië, vanwaar Lancaster NN775 vertrok. De menselijke resten werden overgedragen aan Defensie. In sommige bronnen werden namen geplakt op de gevonden stoffelijke resten maar dit lijkt louter speculatief; verder onderzoek zal moeten uitwijzen om wie het precies gaat. Later zullen ze bijgezet worden op het Commonwealth War Graves Cemetery van Heverlee waar in 1945 de bemanning al begraven werd.

     

  •  
Gastauteur

Gastauteur

Naast de vaste redactieleden bieden we op Hangar Flying ook plaats aan gastauteurs om te schrijven over Belgische luchtvaart. Zelf een artikel idee? Neem contact op met ons.

Deze website maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren. Door verder te surfen, stemt u in met ons Privacy & Cookie beleid. Accepteren Lees meer