Wandelen rond het Staaken-vliegveld van Morville

201811_MOR_08_DSC_0041.JPG

Morville, 3 november 2018. Van het boek ‘Les Géants de Morville’ krijgen we maar niet genoeg. Nicolas Clinaz schreef de geschiedenis van dit vliegveld dat tussen april 1918 en oktober 1918 door Duitse reuzenvliegtuigen was gebruikt. In het sympathieke Morville, een deelgemeente van Florennes, organiseerde Nicolas een tentoonstelling over het vliegveld en hij nam ons mee voor een wandeling rond de voormalige Flugplatz.

De tentoonstelling over het vliegveld van Morville. Haarscherpe foto’s uit 1918 en duidelijke teksten.

Tentoonstelling
De tentoonstelling vond plaats tijdens de eerste twee weekends van november in een zaal van de moderne gemeenteschool van Morville. Dat de expo precies daar wordt georganiseerd moet ons niet verbazen. Het is hun leraar Christophe Bronkart die al in 2014, samen met zijn leerlingen, een eerste tentoonstelling organiseerde over ‘hun’ vliegveld. In het kader van 100 jaar Eerste Wereldoorlog had hij met zijn scholieren een mooi boekje gemaakt over de oorlogsgebeurtenissen daar. Ze hadden een model geknutseld van een vliegtuigloods, met mensen van de streek gepraat en enkele bodemvondsten uit de oorlogsperiode verzameld. Op de begraafplaats van Morville maken de scholieren in november jaarlijks het graf schoon van mecanicien Staff Sergeant A.W. Askew, Australian Army Service Corps, verongelukt op 25 december 1918. De Commonwealth War Graves Commission verleende hen het peterschap voor dit graf.

In een van de drie klassen van de gemeenteschool van Morville toont leraar Christophe Bronkart ons bodemvondsten over de oorlogsgeschiedenis van Morville.

In de tentoonstelling anno 2018 hingen vooral haarscherpe foto’s die ook in het boek van Nicolas Clinaz zijn afgedrukt. Ze komen vooral uit het Deutsches Historisches Luftfahrtarchiv van auteur Marton Szigeti. Daarnaast was er vooral aandacht voor de artefacten die door Nicolas en zijn team tijdens vier jaar van research in Morville en omgeving zijn opgegraven en deskundig zijn beschreven en gearchiveerd. Enkele prachtige vliegtuigmodellen, o.a. van Daniel Parmentier en Yves Duwelz, kregen hier ook een plaats. Voor de kinderen was er een tekenwedstrijd georganiseerd. Steeds weer is er die link met de lokale jeugd.

Model van de Staaken R.52 (kit Roden, schaal 1/72) vervaardigd door Yves Duwelz.

De bezoekers aan de expositie kregen ook twee films te zien. Een eerste kwam uit een Duits archief en toonde de operaties met de Staaken R.71, een meer geavanceerde versie van de reuzenvliegtuigen gebaseerd in Morville. Als omgebouwde bommenwerper deden ze in Duitsland anno 1919 dienst voor het vervoer van gefortuneerde passagiers. Wat ons in de film vooral opviel was de ongelooflijk korte afstand – amper 300 meter – dat een reuzenvliegtuig slechts nodig had om op te stijgen. De tweede film toonde een Bristol F.2b en een SE.5a van de Shuttleworth Collection in actie op hun thuisvliegveld Old Warden (UK) De SE.5a uit de film (F-904) haalde op 10 november 1918 een Duitse jager neer boven Mariembourg (Couvin), een uniek toestel dus.

In de vitrines lagen niet alleen de zeer zeldzame opgegraven onderdelen van de reuzenvliegtuigen, maar ook unieke bodemvondsten van Britse vliegtuigen, waaronder deze van de Bristol F.2b F6195 neergehaald door Leutnant Hans von Freden, commandant van Jasta 50, op 10 november 1918 in Martinsart. De Canadese bemanning, 2nd Lt Alexander MacHardy en Lt William Rodger, was de laatste RAF crew die sneuvelde in de Groote Oorlog. Precies een eeuw na de crash werd voor hen een gedenkplaat onthuld aan de boerderij Guiot de Martinsart in Froidchapelle.

Nicolas en zijn team onderzochten de crashplaats van de Staaken R.52 zeer grondig en vonden heel wat onderdelen van het toestel, onder meer deze Bosch-ontstekingskaarsen.
Teruggevonden onderdelen van de hoogtemeter van de Staaken R.52.
Onderdeel van de duraluminium plaat rond de motor van de Friedrichshafen G.III/a 869/18. Dit type bommenwerper heeft Morville maar heel sporadisch gebruikt. Toen Australische militairen in de lente van 1919 op het vliegveld kwamen, onderzochten ze het wrak van deze Friedrichshafen.

Wandeling
Met Nicolas trokken we de velden in van Morville, om te luisteren naar zijn boeiend verhaal over het Staaken-vliegveld. We vertrokken in het dorp in de Rue d’Omezée, om daarna via een veldbaan in de Rue de Soulme terecht te komen, terug naar het dorp. Het viel ons bij de start van de wandeling al direct op hoe kort het vliegveld bij het dorp gelegen was, amper honderd meter voorbij de eerste huizen. Toch stegen de vliegtuigen wat verder op, op een vlak terrein dat gekend is als de Taille aux Ronces. Eerst reden ze naar een startplatform (‘Starttisch’) voor de voorbereiding van de vlucht. Hoe de brandstof precies in Morville terecht kwam is nog niet erg duidelijk.

Route van de wandeling (geel). Locaties van de loodsen A en B (rood) en het terrein waarop werd opgestegen en geland. (Google Maps)

Er was geen verharde startbaan zoals in het Vlaamse Staaken-vliegveld Scheldewindeke, de grond was hard genoeg voor de operaties. Van twee vernielde vliegtuigloodsen toonde Nicolas ons de precieze locatie (loods A en B). De locatie van de derde loods, in tegenstelling tot de eerste twee niet op landbouwgrond maar in een nabijgelegen bos, was onbereikbaar omwille van het geopende jachtseizoen. Iedere loods kon twee vliegtuigen herbergen, in totaal kon er dus met zes reuzenbommenwerpers gevlogen worden vanop Morville. Op de plaatsen waar de loodsen A en B stonden had Nicolas ook markeringen op de grond gespoten om ons een goed idee te geven van de grootte van de hangars. Ook de contour van een Staaken was aangegeven met linten. De zeer geïnteresseerde deelnemers aan de wandeling stonden toch wel versteld van de omvang van die toestellen (lengte 22,1 m, spanwijdte 42,2 m, hoogte 6,3 m, maximum startgewicht 11.460 kg, vier motoren van ongeveer 250 pk, max snelheid 135 km/h, autonomie van 7 à 10 uur).

Nicolas Clinaz tijdens de wandeling in Morville. Hij toont ons de locatie waar de Staaken R.45 is neergekomen, een perceel tussen de Rue d’Omezée en de Rue de Soulme (achteraan).

Nicolas: “De crew bestond doorgaans uit acht personen. De twee piloten waren slechts de ‘chauffeurs’ van de Staaken. Vooraan zat de commandant die ook de waarnemer was, vier mecaniciens zaten in de motorgondels, de radio-operator selecteerde ook de brandstoftanks. Het vliegveld kende maar een heel korte geschiedenis. Na het vertrek van de Duitse vliegtuigen gebruikten twee Britse eenheden het terrein met hun tweedekkers Bristol FE.2b en Airco DH.4. Bij de aftocht lieten de Duitsers de infrastructuur intact, het merendeel werd ontmanteld in 1919. Het is eigenlijk ongelooflijk hoeveel energie de Duitsers in dit vliegveld gestoken hebben, het behaalde resultaat was daarentegen miniem.”

Tijdens onze wandeling wijst Nicolas op een heuvel in het landschap: “Dat is een soort van watertoren, een watervoorraad. We zijn ervan overtuigd dat deze tijdens de Eerste Wereldoorlog werd gebouwd, maar niet zeker door de Duitsers.” Doorgaans zorgde de bezetter inderdaad voor water in de buurt van het vliegveld, vooral om te gebruiken in geval van brand.

Op de plaats waar eens loods B heeft gestaan toont Nicolas ons een klein plateau in het landschap: “Hier in de grond zaten tot in maart 2018 nog de volledige funderingen van de vliegtuigloods. De landbouwer heeft ze onlangs uitgegraven. Gelukkig hebben we ze vooraf grondig kunnen opmeten en fotograferen. We staan nu op de plaats van de poorten, voor ons is nog het vlak zichtbaar waar de Staakens geplaatst werden, voor de militairen ze met de hulp van een karretje naar binnen trokken. Van dat plateau zal binnen enkele jaren niks meer te zien zijn omdat de boeren het land natuurlijk verder nivelleren.”

Model van een vliegtuigloods, vervaardigd door leerlingen van de gemeenteschool van Morville.

We houden bijzonder veel van kleinschalige, lokale initiatieven rond luchtvaartgeschiedenis. Het ging er heel gemoedelijk aan toe in het schooltje in Morville. Na de rondleiding door Nicolas nam Daniel Parmentier mij nog verder op sleeptouw door de prachtige regio. Daniel was een van de medewerkers van Nicolas en tekende enkele nauwkeurige grondplannen voor het boek. Op de begraafplaats van Morville bezochten we het graf van de in Morville omgekomen Australische mecanicien Sgt Askew. In het centrum van Morville fotografeerden we ook de elektriciteitscabine, gebouwd door de Duitsers. Zowat rond alle vliegvelden waren de Duitse officieren gelegerd in kastelen en voor het vliegveld van Morville gold dezelfde regel. Zij logeerden o.a. in het Château d’ Ostemerée, prachtig gelegen in de uitgestrekte natuur van Anthée (Onhaye).

De elektriciteitscabine voor het vliegveld, tijdens de Eerste Wereldoorlog gebouwd door de Duitsers.
Het Château d’Ostemerée was tijdens WO I het optrekje van Duitse officieren van Morville. Tijdens WO II bood de toenmalige eigenaar van het kasteel, graaf Victor Christyn de Ribaucourt, onderdak aan kinderen van Joodse gezinnen om hen te beschermen tegen vervolging door de Gestapo. Het kasteel is nu bewoond door de familie Meunier-Gouy.

Naast het lezen van het boek ‘Les Géants de Morville’ is een wandeling in de streek een absolute aanrader. Door de enthousiaste uitleg van Nicolas en zijn teamgenoten konden we ons beeldig voorstellen hoe de Staakens dit kleine Ardense dorp een plaats hebben gegeven in de luchtvaartgeschiedenis.

Zie ook onze boekbespreking: www.hangarflying.eu/nl/content/les-géants-de-morville

Frans Van Humbeek

Picture of Frans Van Humbeek

Frans Van Humbeek

is hoofdredacteur van Hangar Flying. Hij is freelance luchtvaartjournalist en auteur van verschillende luchtvaartboeken. Frans probeert zowat alle facetten van de Belgische luchtvaart op te volgen, maar zijn passie gaat vooral uit naar het luchtvaarterfgoed en de geschiedenis van de Belgische vliegvelden. Binnen het redactieteam van Hangar Flying zorgt hij ook voor de updates van www.aviationheritage.eu.

Ce site utilise des cookies pour optimiser votre expérience utilisateur. En continuant à surfer sur Internet, vous acceptez notre politique de confidentialité et d’utilisation de cookies. Accepter Lire Plus

'Ce Accepter Lire Plus