Op 18 december 1944 stortte hier de Halifax Mk. III NR118 WL-U neer van het 434 Sqn RAF. Piloot F/Lt James āJimā Murray Parrott (RCAF,) navigator F/O Samuel āHarryā Henry James Pearce (RCAF,) boordwerktuigkundige P/O Leslie āLesā Homer Janzen (RCAF,) bommenrichter P/O Allan Edward Kurtzhals (RCAF,) boordschutter F/Sgt Alexander āAlexā Divitcoff (RCAF) en boordschutter F/Sgt Gordon āGordā William Olafsen (RCAF) kwamen om en liggen begraven in Leopoldsburg.
Radio-operator en boordschutter P/O Herbert āBertā Brown (RCAF) slaagde erin om zich uit het neerstortende vliegtuig te bevrijden, zijn parachute redde zijn leven. Nadat hij een tijdje rondgedwaald had en niet zeker wist of hij zich in vijandelijk gebied bevond, kwam hij enkele Belgische boeren tegen die hun best deden om zijn hoofdwonden te verzorgen en hem vervolgens naar de Amerikaanse troepen brachten. Hij werd eerst naar een Amerikaans veldhospitaal gebracht en daarna naar een ziekenhuis in Parijs. Van daaruit werd hij naar Engeland gevlogen waar hij kon herstellen en daarna naar Canada werd gerepatrieerd.
De gesneuvelden werden eerst door de Amerikanen begraven in Fosses-la-Ville en na de oorlog overgebracht naar het Leopoldsburg War Cemetery. De plaatsing van deze gedenksteen is te danken aan de heer Hector Maurage, een specialist uit Couvin op het gebied van vliegtuigcrashes uit de Tweede Wereldoorlog.
Wat er precies met het vliegtuig is gebeurd, zal waarschijnlijk nooit bekend worden, maar er zijn verschillende mogelijkheden. Het meest waarschijnlijke scenario is dat er een botsing in de lucht plaatsvond tussen de WL-U en een toestel dat in de onmiddellijke nabijheid vloog, of dat het geraakt werd door onderdelen van een ander beschadigd toestel. Een vloot van meer dan vijfhonderd toestellen was op dat moment op weg naar Duitsland.
De Halifax was op weg naar het doel Duisburg en droeg nog de volledige bommenlading. Volgens een getuige explodeerde het vliegtuig net voor de crash.
Het monument voor de Halifax NR118 WL-U werd enkele jaren na de plaatsing erg beschadigd. Tijdens een bezoek in oktober 2007 was het metalen Halifax-silhouet en de gedenkplaat verdwenen (info via Peter Dierckx, 9 oktober 2007.)
In augustus 2010 bezorgde Eddy Puype ons een foto van het herstelde monument. Anno 2026 is het monument, prachtig gelegen tussen de velden, nog altijd een bezoekje waard.
Vermeldenswaard is ook dat Hitler vanaf 6 juni 1940 22 dagen in Brûly-de-Pesche verbleef, een andere deelgemeente van Couvin. De speciaal gebouwde Führerbunker kan nog altijd bezocht worden.







