De Internationale Vliegweek van Temse voor watervliegtuigen vond plaats van 7 tot 16 september 1912. Het Belgische Ministerie van Koloniën organiseerde het event in samenwerking met de Aero Club van België. Het doel was vooral het testen en selecteren van een geschikt type watervliegtuig voor inzet in Belgisch-Congo. Omdat Congo destijds amper spoor- of autowegen kende en de aanleg van vliegvelden veel te duur was, wilde men rivieren en meren als natuurlijke landingsbanen gebruiken. De meanderende Schelde bij Temse vormde het ideale testterrein. Vijftien vliegtuigen waren ingeschreven. We spreken altijd over de locatie Temse maar het vliegkamp met loodsen was gebouwd aan ‘het Sas’ in Bornem.
Ter nagedachtenis van ‘100 jaar Internationale Vliegweek voor Watervliegtuigen 1912-2012’ staat op de Wilfordkaai in Temse sinds 2012 een gelast schaalmodel van een Borel-watervliegtuig.
De klas Lassen-Constructie van het Koninklijk Atheneum van Temse vervaardigde het model. Volgens een informatiebordje bouwden leerlingen Nick De Roeck, Fazouzi el Boubkhari en Idris Leganasé dit Borel-watervliegtuig uit gegalvaniseerd ijzer onder leiding van leraar Muhammed Karer. Peter Janssens, toen zaakvoerder van de Nieuwe Schelde Werven Rupelmonde, was de sponsor voor het materiaal.
Gabriël Borel (°1880) was autoverkoper en geïnteresseerd in de luchtvaart. Samen met zijn broer richtte hij een vliegschool op in Mourmelon (Marne, Frankrijk). In het begin verkochten zij Blériot-vliegtuigen maar stilaan werden eigen vliegtuigen gebouwd en verkocht. In 1910 kwam een korte samenwerking tot stand met Morane en Saulnier. Het Franse leger kocht enkele Borel-vliegtuigen en na de meeting in Temse verkocht de firma watervliegtuigen aan Engeland en Italië. Tijdens de Eerste Wereldoorlog sloot de firma enkele jaren de deuren. Na de oorlog is ze nog even heropgestart maar zonder succes.
Het was Georges ‘Géo’ Chemet (°1891, †1917) die in 1912 in Temse met een Borel vloog. Hij leerde vliegen in 1909 en behaalde vliegbrevet 159. In 1912 was hij hoofdpiloot bij Borel. Hij maakte zeer veel vluchten met Borel-watervliegtuigen en deed mee aan talrijke races. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was hij een militair piloot. Hij sneuvelde tijdens een ontsnappingspoging uit gevangenschap.
Chemet was officieel winnaar van de meeting in Temse. Na een klassementsherziening door de Belgische Aero Club in 1913 zakte hij naar een tweede plaats. De eerste plaats werd toegekend aan Jean Benoist op een toestel van José Luis Sánchez-Besa. De herklassering kwam er vermoedelijk nadat Chemet was beschuldigd van ontoelaatbare aanpassingen aan zijn toestel tijdens de wedstrijd.
In 1950 schreef José Luis Sánchez-Besa over het dispuut: ‘Nauwelijks was de wedstrijd in Saint-Malo afgelopen, of er moest al vertrokken worden naar België. De vliegtuigen werden rechtstreeks naar Temse, aan de oevers van de Schelde, overgebracht, zonder tussenstop in Parijs. Daar was het schouwspel totaal anders. De vliegtuigen stonden gestald in een van de hangars van de club, eveneens aan de oevers van de Schelde. De stortbuien die aan het evenement vooraf waren gegaan, hadden de zone voor watervliegtuigen in een waar moeras veranderd, waardoor mecaniciens en piloten zich maar moeizaam door de modder konden voortbewegen.
We zagen daar voor het eerst vliegboten verschijnen, de voorlopers van de grote, moderne watervliegtuigen. Ze waren van het merk Donnet-Lévêque. De wedstrijd was buitengewoon zwaar en het reglement kende pas aan het einde van de race punten toe. Drie constructeurs maakten aanspraak op de overwinning: Borel, Renaux op een Farman, en Benoist. Ze moesten een beroep doen op de Fédération Aéronautique Internationale om hun resultaten te laten homologeren. Zij zou deze netelige kwestie moeten beslechten.
Tijdens deze wachtperiode lieten de bedrijven, waar de twee vliegtuigen vandaan kwamen, aan iedereen die het maar horen wilde alvast weten dat zij succesvol waren geweest, dankzij een intensieve reclamecampagne. Zonder de minste scrupules presenteerden zij zich als de winnaars van de grote race van Temse. Omdat ikzelf weinig voelde voor dit soort praktijken, richtte ik een open brief aan hen, die in de kranten werd gepubliceerd, waarin ik hen aanspoorde de huid niet te verkopen voor de beer geschoten was.
En inderdaad, enkele maanden later, tijdens de bijeenkomst die de winnaar moest aanwijzen, was het het watervliegtuig van Sánchez-Besa dat won. Bijgevolg won hij niet alleen de Koningsbeker, maar ook een indrukwekkend bas-reliëf dat was geschonken door het Belgische Ministerie van Koloniën. Tijdens deze bijeenkomst had ik de grote eer om te worden voorgesteld aan Zijne Majesteit Albert I.’
Bron: 100 jaar Internationale Vliegweek Temse 1912-2012. Een historisch, technisch overzicht. Frank De Cuyper en Didier Van Riel. Gemeentemuseum van Temse, Temse, 2012.
Met dank aan Cristina Prieto en Frank De Cuyper.









