Jan Lantmeeters signaleerde ons het graf van de Engelsman Max Victor Wenner op de stedelijke begraafplaats van Genk-centrum.
De rijke landlord werd op 15 april 1887 in Manchester geboren. Zijn vader was een Zwitser en een welstellende textielhandelaar in Manchester. De moeder van Max was van Oostenrijkse afkomst.
Reeds tijdens de Eerste Wereldoorlog was hij aan het IJzerfront luitenant piloot bij de RAF. Hij reisde dikwijls naar Duitsland. In 1922 huwde hij met Martha Spinner en het echtpaar ging op een landgoed wonen nabij Shrewsbury in Shropshire. Max was toen al een succesvol industrieel en bovendien een grote natuurliefhebber. Martha overleed in juli 1936. Hij verloofde zich op 30 december van datzelfde jaar met een Duitse dame. Vijf dagen later verongelukte Max.
Toen het Naziregime aan de macht kwam voelde hij zich niet meer veilig, hij had het gevoel dat hij geschaduwd werd en misschien beticht van spionage. Op 4 januari 1937 nam hij de Sabenavlucht van Keulen naar Haren, in de Savoia-Marchetti S.73 OO-AGP. Bij de landing werd passagier Wenner als vermist opgegeven, de andere negen passagiers werden verhoord. Volgens sommige getuigenissen was Max een half uur voor de landing naar het achterste deel van het vliegtuig gelopen, niemand had zich daarover zorgen gemaakt. Achteraan in de S.73 bevond zich de toiletruimte (de ‘opschikkamer met een deurtje’) en de grotere passagiersdeur voor de in- en ontscheping.
Vier dagen later vond een jongeman uit Waterschei het lichaam van Max in een bos van Genk bij Terboekt. Het parket kwam ter plaatse. Volgens de dokter vertoonde het lichaam enkel een breuk aan de rechterarm (!) en was de man door verstikking om te leven gekomen. Het mysterie werd alleen maar groter. Op 13 januari 1937 werd Wenner te Genk begraven. De familie was vertegenwoordigd door een van zijn broers, nl. door kapitein Alfred Wenner. Over het overlijden hangt na al die jaren nog altijd een sfeer van geheimzinnigheid.
De internationale kranten hadden veel belangstelling voor het overlijden van Max Wenner, onder meer omdat er zoveel gelijkenis was met de op 4 juli 1928 verongelukte schatrijke zakenman Alfred Loewenstein (zie www.hangarflying.eu/2021/01/de-zaak-loewenstein-moord-zelfmoord-of-een-ongeluk-boven-de-noordzee/ ).
De gemeente Genk leverde op 18 maart 1937 een eeuwigdurende grafvergunning af. De Heemkring Heidebloemke Genk heeft deze administratief verlengd zodat het graf bescherming geniet, een zeer lovenswaardig initiatief van deze heemkundige kring. Onderzoek werd vooral verricht door Lucien Bogers.
Het graf situeert zich rechts van de ingang aan de Hoogstraat, de enige rij van het vak C4, graf 1-12, het tiende graf vanaf de centrale laan.
Hangar Flying bezocht de begraafplaats een eerste keer in oktober 2009. Heel wat graven (rechts van de ingang) zijn geruimd maar de rij waarin Wenner begraven ligt wordt mooi bewaard.
Bij een tweede bezoek op 5 december 2025 stelden we vast dat iemand probeerde om het graf te reinigen. Door deze schoonmaakpoging is het opschrift op het graf veel minder leesbaar geworden.
Bronnen,
-Het enigma rond Max Wenner. Alex Marut, www.taskforceliberty.be , Genk, 2020
-Het mysterie rond het graf van Max Victor Wenner, Lucien Bogers, Heidebloemke, nummer 2/2002.






