Affligem, 21 juli 2026. Wie het militaire luchtdefilé op televisie volgde, kreeg niet van elke passage evenveel te zien. Het gronddefilé in Brussel was uitgelopen en de luchtbeelden konden dat ritme niet altijd volgen. Sommige formaties verschenen slechts enkele seconden op het scherm, andere gingen helemaal verloren in de uitzending. Hangar Flying stond daarom niet aan het Paleizenplein, maar op een brug over de E40 in Affligem. Geen eretribune of militaire muziekkapel, wel wegverkeer, hoogspanningslijnen, verlichtingspalen en een groeiende groep fotografen en gezinnen. Telefoons met trackingapps werden scherp in de gaten gehouden, tot de kleine stipjes boven de E40 langzaam dichtbij komen.
De formaties bevonden zich hier op hun laatste rechte lijn richting Brussel. Sommige vlogen al strak opgelijnd, andere kwamen veel breder over. Vooral bij de helikopters was goed te zien dat het luchtdefilé geen lange, aaneengesloten stoet is. Elke groep volgt haar eigen route, snelheid en timing, tot alles boven de hoofdstad in de juiste volgorde moet samenvallen.

Tachtig jaar tussen Spitfire en F-35
De Belgische Luchtmacht vierde dit jaar haar tachtigste verjaardag. Defensie wilde dat jubileum zichtbaar maken met een luchtdefilé dat de geschiedenis overspande, van de Supermarine Spitfire tot de Lockheed Martin F-35A Lightning II. Ongeveer dertig luchtvaartuigen waren aangekondigd.
Op televisie kwam de passage van de Supermarine Spitfire LF Mk.XVIe SL721, GE-S (OO-XVI), niet in beeld. Ook wij moeten toegeven dat we hem vanuit Affligem hebben gemist. De Spitfire passeerde hoger dan de meeste andere deelnemers en verdween tussen het overige luchtverkeer. De squadroncode GE verwijst naar No. 349 (Belgian) Squadron van de Royal Air Force.


Dat is meteen de realiteit van spotten langs de route. Een toestel hoeft maar iets hoger of verder naast de verwachte lijn te vliegen om ongemerkt te passeren. Aan het andere uiteinde van de tijdlijn verschenen drie Belgische F-35A’s. Hun deelname aan het luchtdefilé was een primeur. De vorm verschilt sterk van die van de F-16’s die kort voordien passeerden. Een brede romp, schuin geplaatste dubbele staartvlakken en de kenmerkende geometrie die voortvloeit uit de lage waarneembaarheid van het ontwerp.
De zes F-16’s bleven niettemin een van de meest indrukwekkende formaties van de namiddag. Na bijna vijf decennia Belgische dienst is hun silhouet vertrouwd, maar een formatie van zes toestellen blijft boven de aanvliegroute een imposant gezicht. De jubileumstaarten gaven de formatie bovendien extra kleur. De jachtvliegtuigen van Kleine Brogel gaven in het luchtdéfile letterlijk extra kleur: ze openden het het militair defilé met de nationale driekleur in rook te trekken.

Nieuwe types tussen vertrouwde silhouetten
Niet alleen bij de gevechtsvliegtuigen was de generatiewissel zichtbaar. Ook de Airbus H145M maakte zijn eerste opwachting in het luchtdefilé. Het toestel was amper enkele weken voordien officieel voorgesteld in Bevekom.
België ontvangt vijftien H145M’s voor Defensie. De levering van de vloot loopt door tot 2027. Het type zal de Agusta A109 geleidelijk vervangen en wordt voorbereid voor onder meer tactisch transport, medische evacuatie, observatie en verkenning, reddingsopdrachten en ondersteuning van Special Forces.
De gefotografeerde RL-04 was meteen herkenbaar aan de vijfbladige hoofdrotor en de omhulde staartrotor. Naast de oudere helikoptertypes in de formatie oogde de compacte H145M als een duidelijke nieuwkomer, al is de echte operationele inwerking nog maar pas begonnen.
Ook in de elementaire vliegeropleiding kondigt zich een wissel aan. De SF-260 Marchetti’s van de Red Devils kregen tijdens het defilé gezelschap van twee PC-7’s van de Koninklijke Luchtmacht.
Die Nederlandse toestellen zijn niet dezelfde uitvoering als de toekomstige Belgische lesvliegtuigen, maar de passage vormde wel een toepasselijke verwijzing naar wat komt. België selecteerde achttien PC-7 MKX’en als opvolgers voor de SF-260. De eerste leveringen zijn voorzien vanaf 2027.


De SkyGuardian voor het eerst in het defilé
Een van de meest opvallende nieuwkomers was de General Atomics MQ-9B SkyGuardian. Ook voor dit op afstand bestuurde luchtvaartuig was het de eerste deelname aan het luchtdefilé.
De term drone dekt de schaal van het toestel nauwelijks. De MQ-9B heeft de afmetingen en spanwijdte van een aanzienlijk bemand vliegtuig en is ontworpen om langdurig in de lucht te blijven. Zijn hoofdtaak ligt bij intelligence, surveillance en reconnaissance, doorgaans samengevat als ISR.

Het eerste Belgische systeem arriveerde in augustus 2025 in Florennes. De SkyGuardian vormt er de kern van een nieuwe operationele capaciteit voor het verzamelen en verspreiden van inlichtingen. Het 2e squadron werd trouwens met dat doel een eerste keer internationaal ingezet boven de Middellandse Zee ter ondersteuning van de NAVO-operatie Sea Guardian en Noble Shield.
Boven Affligem vloog het toestel alleen. Met zijn uitzonderlijk lange vleugel, V-staart en achteraan geplaatste duwpropeller was het toestel meteen herkenbaar. Tussen helikopters, trainers en gevechtsvliegtuigen was het tegelijk de deelnemer die het duidelijkst liet zien hoe breed het begrip militaire luchtvaart intussen geworden is.

Transport boven de snelweg
De transportvloot leverde de meest monumentale passages op. Drie A400M Atlas-toestellen verschenen aan de horizon boven de E40. Tijdens de oefendagen hadden ze boven Vlaanderen al veel aandacht getrokken, maar de combinatie van drie toestellen, het verkeer onder hen en de rechte lijn van de autosnelweg leverde vanaf de brug het sterkste beeld van de namiddag op.
Vlak daarna volgde een Airbus A330 MRTT van de Multinational MRTT Unit uit Eindhoven. Het toestel combineert strategisch transport met air-to-air refuelling en vormt daarmee een andere schakel in de Europese luchttransportcapaciteit.
De Belgische Dassault Falcon 7X OO-LUM vertegenwoordigde het VIP- en verbindingsvervoer. De Franse Marine bracht met een Embraer EMB 121 Xingu een minder alledaagse deelnemer naar het defilé. Het type wordt in Frankrijk onder meer ingezet bij de opleiding van militaire transportbemanningen.
Vanuit de Sea King naar de snelwegbrug
Voor deze reporter was het luchtdefilé geen onbekend terrein, al was de plaats ditmaal heel anders.
In 2012 en 2015 vloog ik voor reportages van De Zondag en Krant van West-Vlaanderen mee aan boord van een Westland Sea King. Vanuit de cabine zag ik toen hoe strak zo’n opdracht wordt voorbereid. Een formatie vliegt niet gewoon richting Brussel om onderweg wel te zien hoe alles uitkomt. Route, hoogte, snelheid en tijdstip liggen vooraf vast. Iedere crew kent haar positie in het geheel.

In Affligem beleefde ik dezelfde operatie van onderuit. De Sea King is intussen verdwenen uit de Belgische inventaris, maar de basisprincipes zijn dezelfde gebleven. Alleen is de vloot vandaag ingrijpend veranderd.
Wat boven de E40 als een reeks afzonderlijke passages werd ervaren, maakte deel uit van een veel grotere beweging. Helikopters, trainers, transportvliegtuigen en straaljagers kwamen vanaf verschillende basissen. Elk type had een eigen profiel en moest op het juiste moment de eindas naar Brussel bereiken.
Geen eenvoudige stoet
Het verschil in snelheid verklaart waarom het defilé niet als één colonne kan worden opgebouwd.
Een helikopter vliegt op de defiléroute ongeveer 170 kilometer per uur. Een A400M houdt er om en bij 400 kilometer per uur aan, een F-16-formatie ongeveer 550 kilometer per uur.
De tragere groepen moeten daarom vroeger vertrekken. Snellere formaties kunnen later opstijgen, onderweg terrein goedmaken en pas dichter bij Brussel hun plaats innemen. De deelnemers vliegen wachtpatronen om op het gewenste moment aan te sluiten in het defilé en hun exacte time-over-target te halen.
De screenshots van de populaire vluchttracker ADS-B Exchange geven een indruk van dat proces. Boven West- en Oost-Vlaanderen tekenden zich lussen, routes en groepjes met sterk verschillende snelheden en hoogtes af. Het beeld oogt bijna chaotisch, maar achter iedere beweging zit een berekend tijdschema.
De beelden maken duidelijk hoeveel verkeer er eerst boven Vlaanderen moet worden geordend vóór het publiek in Brussel een nette opeenvolging ziet.
Acht maanden voorbereiding voor enkele minuten passage
Majoor-vlieger Jonas Van Hellemont, A400M-piloot bij de 15e Wing in Melsbroek, vertelde vorig jaar in een interview voor Krant van West-Vlaanderen dat de voorbereiding ongeveer acht maanden voor 21 juli begint.
Dat werk omvat veel meer dan de vliegroute boven Brussel. De verschillende onderdelen van Defensie moeten hun deelname vastleggen, bemanningen aanduiden, formaties samenstellen en oefenvluchten plannen. Technische ploegen moeten op hetzelfde moment meerdere toestellen inzetbaar krijgen. De luchtverkeersleiding moet de verschillende groepen door tijdelijk gereserveerd luchtruim begeleiden.
De bemanningen werken met gelijkgezette tijdreferenties. Iedere formatie heeft een berekend overvliegmoment. Tussen twee groepen moet voldoende marge blijven voor de veiligheid, maar een te groot gat zou het defilé zichtbaar doen uiteenrafelen.
Voor de crews is het geen louter ceremoniële vlucht. Formatievliegen, navigeren naar een exact tijdstip en het afstemmen van verschillende platformen zijn operationele vaardigheden. De oefendagen bieden bovendien zeldzame mogelijkheden om meerdere A400M’s tegelijk in formatie te laten vliegen en bemanningen daarvoor te kwalificeren.

Van Hellemont omschreef het vorig jaar treffend: wanneer alles goed verloopt, lijkt het alsof er weinig bijzonders gebeurt. Pas wanneer een formatie ontbreekt of een gat in de volgorde ontstaat, merkt het publiek hoeveel timing erachter zit.
Het luchtschema wacht niet op de televisie
Dit jaar liep het gronddefilé in Brussel vertraging op. Daardoor sloot de televisie-uitzending niet altijd aan bij wat boven de stad gebeurde. Sommige formaties werden maar gedeeltelijk getoond. Van de Spitfire kreeg de televisiekijker zelfs geen herkenbare passage te zien.
Dat betekent niet automatisch dat ook de militaire vliegplanning verkeerd zat. Een formatie kan niet zomaar enkele minuten voor Brussel blijven rondcirkelen tot de regie klaar is. De tijdelijke luchtruimstructuur, de separatie tussen de verschillende groepen, het brandstofverbruik en de terugkeer naar de basis blijven allemaal deel uitmaken van dezelfde precieze planning.

Zodra de reeks in beweging is gezet, laat ze zich nog maar beperkt verschuiven. Het gronddefilé kan vertragen. Het luchtdefilé heeft veel minder speelruimte.
Wie de passages op televisie miste, krijgt daarom in deze reportage het uitzicht vanaf Affligem. Niet boven het Paleizenplein, maar enkele minuten eerder, tussen hoogspanningsmasten en lantaarnpalen boven de E40.
Ons eigen gronddefilé
De laatste passage, de fotografen checken nog een de achterkant van hun camera, maar al snel verdwijnen de telelenzen terug in de fototassen. Gezinnen en fotografen wandelden terug richting wagen, terwijl onder hen het autoverkeer bleef doorrijden.
Ook in Affligem volgde zo nog een klein gronddefilé. Met camera’s, statieven en fototassen over de brug.
Tekst en foto’s Tom Brinckman





