Chastre, 24 augustus 2018. Zoals zo vaak kondigt het geronk van motoren de passage aan van een C-130 Hercules van de 15e Wing op 300 voet verticaal boven mijn huis. Het is de CH-10, geschilderd in een jubileumontwerp voor het 70-jarig bestaan van de Wing. Een zicht dat geleidelijk steeds zeldzamer dreigt te worden! Het einde van de Hercules is aangekondigd voor 2022, na 45 jaar carrière.
Een eenheid in volle verandering
De 15e Wing viert dit jaar haar zeventigste verjaardag en bereidt zich voor om vanaf 2020, 7 exemplaren van haar nieuwe vliegtuig, de A-400M, te ontvangen (+ één Luxemburgs exemplaar). Sommige vliegtuigen van de ‘VIP’-vloot zullen eveneens verdwijnen. Deze transitie vindt plaats in een context van budgettaire beperkingen en zeer veeleisende operationele verplichtingen, bronnen van talrijke uitdagingen die deze prestigieuze eenheid, opgericht op 1e mei 1948, moet aangaan.
Organisatie
Als integraal onderdeel van ‘Comopsair’ is de 15e Transport Wing een eenheid die 24 uur per dag functioneert vanwege haar specificiteit op het gebied van tactisch en strategisch transport over de hele wereld, en de daaruit voortvloeiende verspreiding van haar personeel en vliegtuigen over verschillende operatiegebieden. Het is daarom de enige eenheid van onze strijdkrachten die een tweede plaatsvervangende ‘basis-co’ heeft, wat de continuïteit van het commando en een optimale taakverdeling garandeert.
Terwijl de eenheid 25 jaar geleden nog 1.900 mensen telde, heeft zij begin 2018 een personeelsbestand van 846 militairen (waaronder 101 officieren met een tekort aan hogere officieren) op een voorziene kader van 973 VTE (voltijdse equivalenten). Dit kader zal in de toekomst verder dalen naar ongeveer 700 VTE, met name door het inschakelen van outsourcing op verschillende gebieden. De 15e Wing kampt met een piek aan pensioenaanvragen in 2020 en 2021 (waarbij meer dan 100 personen de eenheid zullen verlaten), een huidige onaangepaste leeftijdsstructuur en de noodzaak tot verjonging van het kader, dat lijdt onder een grotere aantrekkingskracht van de civiele sector. De korpschef moet dezelfde uitdagingen aangaan als de baas van een groot bedrijf, wat de kwaliteit en competentie van onze hogere officieren aantoont. De huidige basis-co Kolonel Avi. F… (naam bewust niet bekendgemaakt) gebrevetteerd Stafchef is tevens afgestudeerd aan de EPNER, de Franse school voor testpiloten en de eerste Belgische piloot die geassocieerd is met het A-400M programma.
Vier grote eenheden
De ‘vlieggroep’, die 198 VTE telt, omvat het vliegend personeel van de twee squadrons en het personeel dat verantwoordelijk is voor de missieplanning.
De ‘onderhoudsgroep’ is de grootste, met de helft van het personeel van de eenheid. Het is verantwoordelijk voor het onderhoud van de C-130H’s met dagelijkse inspecties en onderhoud, evenals periodieke en jaarlijkse ingrepen. Sommige van de jaarlijkse C-checks worden reeds gedeeltelijk uitgevoerd door civiele bedrijven om technici vrij te maken voor de voorbereiding op de komst van de A-400M. De grote D-checks (IRAN) worden om de zes jaar uitgevoerd bij Sabena Technics. Het onderhoud van de ‘witte’ vliegtuigen (die van het 21e squadron) en van de TF-56 motoren van de C-130H’s is al enkele jaren uitbesteed aan de civiele sector.
Zoals bij elke militaire installatie is er een ‘Defensie- en Support’-groep van ongeveer honderd personen, maar deze zal haar personeelsbestand zien afnemen. Zoals reeds in andere eenheden is gebeurd, zal de bewaking van de installaties in de komende maanden worden toevertrouwd aan een civiel beveiligingsbedrijf, een sector in volle expansie.
De 15e Wing verzorgt eveneens het beheer van de militaire luchthaven van Melsbroek via ‘Brumil’, de voormalige Militaire Luchthaven (AML). Deze entiteit telt 112 personen en verzorgt het transport van militaire passagiers en klanten van ‘Defensie’ zoals de Koninklijke familie, de regering, internationale instellingen of NGO’s. Brumil zorgt ook voor de conditionering van het materieel dat door de wing wordt vervoerd.
Een antenne van het 4 EMI (Medisch Interventie Element) van Peutie is eveneens gedetacheerd in Melsbroek.
| Restanten van de ‘militaire luchthaven’, vandaag ‘Brumil’. | |
| De wachtlounge van ‘Brumil’ is sober maar comfortabel. |
European Air Transport Command
De vloot van de 15e Wing is toegewezen aan het EATC. Deze geallieerde organisatie, gevestigd in Eindhoven, bundelt de luchttransport-, bevoorradings- en medische evacuatiemiddelen van 7 landen (Duitsland, België, Spanje, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland) en beheert zo ongeveer 200 ter beschikking gestelde toestellen, waarbij de beste vector wordt gekozen afhankelijk van de missie waarvoor een beroep wordt gedaan op het EATC. Deze ‘pooling’ stelt deze verschillende landen in staat om gebruik te maken van capaciteiten of middelen waarover zij niet altijd beschikken (bijvoorbeeld tankvliegtuigen voor onze F-16’s in ruil voor troepentransport van Spaanse troepen door onze C-130H’s). Dit maakt ook een optimaal gebruik van de vliegtuigen mogelijk in een context van steeds multinationalere operaties. Afhankelijk van de nationale behoeften kan een deel van de middelen uiteraard tijdelijk worden teruggetrokken.
| De teams van ‘Brumil’ zorgen ook voor de conditionering van de ladingen. Hier ALQ-131 pods voor de F-16’s. |
De vloot van de 15e Wing
De 15e Wing telt twee squadrons.
Het 20e squadron, waarvan het embleem een blauwe Sioux-kop is, beschikt over 10 C-130H Hercules. In de loop der jaren zijn twee vliegtuigen vernietigd. De CH-02 werd op 4 mei 2006 vernietigd tijdens een brand in de hangar van Sabena Technics in Zaventem en in maart 2009 vervangen door de CH-13, een voormalige C-130E van de USAF en Evergreen Airlines, die door Sabena Technics werd omgebouwd naar de Belgische H-standaarden. De CH-06 werd op 15 juli 1996 vernietigd in Eindhoven. De C-130H’s worden gebruikt voor tactisch transport, parachutespringen, evacuaties enz…
De CH-08 is de eerste die eind december 2017 uit dienst is genomen. Hij wordt langzaam ‘gecannibaliseerd’ in een hoek van de basis van Bevekom, waar hij binnenkort zal worden vergezeld door de CH-10. Het 21e squadron vliegt met de zogenaamde ‘witte’ vloot en beschikt over een Dassault Falcon 900B, twee Embraer ERJ 135 en twee ERJ 145. Zij verzorgt de ‘VIP’-vluchten, het transport van personen en de medische evacuatie (de Embraer-vliegtuigen kunnen snel gemedicaliseerd worden dankzij aangepaste modules). Naast de ‘witte’ vliegtuigen beschikt de eenheid over een langeafstandsvliegtuig Airbus A321 in het kader van een ‘dry’ leasingcontract (zonder bemanning) met een Portugees bedrijf. Dit contract voorziet ook in de mogelijkheid om over een A330 te beschikken. Defensie overweegt verschillende opties, variërend van de verkoop/lease back van de vliegtuigen, het uitbesteden van een VIP-vloot aan de civiele sector, of de pure en eenvoudige buitenbedrijfstelling van de vloot, maar begin januari 2018 bevestigde het Ministerie van Defensie dat de huidige ‘VIP’-vloot te koop werd aangeboden. Op 1e juni heeft de Embraer ERJ 145LR CE-04 zijn laatste vlucht uitgevoerd en is hij uit de operaties in Melsbroek teruggetrokken.
Vasthoudendheid
De uitdagingen van de 15e Wing zullen zijn om haar expertise en volledige operationele capaciteit te behouden in een zeer veranderlijke maar ook onzekere omgeving op zowel menselijk (pensioenvertrek, leeftijdsopbouw) als materieel gebied (leveringsvertragingen). De bemanningen, technici en ander personeel bereiden zich al voor op deze veranderingen en op de ontvangst van de Airbus A400M Atlas. De infrastructuur zal eveneens veranderingen ondergaan met de bouw van een nieuwe hangar die de Atlas kan herbergen en de aanschaf van een vluchtsimulator. De missies zouden ook moeten evolueren met de Belgische deelname aan het intergeallieerde A330 MRTT programma voor transport en in-flight refueling.
Zoveel uitdagingen die de 15e Wing zeker zal aangaan met ‘Vasthoudendheid’, haar devies al 70 jaar lang.
Robert Verhegghen
Foto’s: Daniel Brackx, Kevin Cleynhens, Steve Rottiers & Robert Verhegghen












