NFH90 in première in Koksijde

NFH01.JPG

Koksijde, 16 mei 2014. Zowel de basis als het 40ste smaldeel van de Luchtcomponent van Defensie waren gemobiliseerd voor de officiële presentatie van de langverwachte nieuwe NFH90 helikopter. De Minister van Defensie en Vicepremier Pieter De Crem vereerde de ceremonie met zijn aanwezigheid. Hij sprak het woord voor de toespraken van verschillende persoonlijkheden die betrokken waren bij het nieuwe toestel: Luitenant-kolonel Vlieger Jean-Jacques Vandezande, manager van het NH90-programma, Kolonel Vlieger Ingenieur Koen Hillewaert, woordvoerder van Defensie, Majoor Vlieger Geerts, commandant van het 40ste smaldeel, en Luitenant-kolonel Vlieger Ingenieur Peter Van den Broucke, de eerste korpschef van de basis Koksijde die afkomstig is uit de Lichte Luchtvaart van de landmacht.

De NFH90 met registratie RN02 op het tarmac van Koksijde; de driekleurige kokarde is een sticker die snel verwijderd kan worden om een andere, grijze kokarde met lage zichtbaarheid over te laten, in geval van inzet van het toestel in een zogenaamde “gevoelige zone”.

De helikopter, met registratie RN02, is eigenlijk het tweede van de acht toestellen van dit type, namelijk vier NFH90 (NATO Frigate Helicopter) en vier NH90 TTH (Tactical Transport Helicopter), officieel besteld op 18 juni 2007. Dit wil zeggen dat het totale programma van NHI (NATO Helicopter Industries) – recentelijk omgedoopt tot Airbus Helicopter – een aanzienlijke vertraging had opgelopen, welke, verzwaard met vertragingsboetes, aanzienlijke besparingen voor het defensiebudget heeft opgeleverd, maar ook de optie op twee machines heeft geëlimineerd wegens het niet tijdig bevestigen.

Het Belgische NFH90-prototype tijdens zijn eerste vlucht op 5 april 2013 in de fabriek van Donauwörth (Duitsland) met Duitse militaire registratie 98+51. Dit toestel, voorzien van de Belgische registratie RN01, wordt sinds augustus 2013 gebruikt voor de opleiding van Belgische bemanningen in Marseille-Marignane, een van de productiecentra van Eurocopter, recentelijk omgedoopt tot Airbus Helicopter. (Eurocopter)

Inderdaad, de RN02 is effectief de tweede van de vier NFH90’s die door Comopsair zijn verworven; de eerste werd geleverd in augustus 2013 en voegde zich onmiddellijk bij de fabrieken van Airbus Helicopter in Marseille-Marignane, waar de training en kwalificatie van bemanningen en technici voor de nieuwe roterende vleugels plaatsvinden. De RN01 zou in juli 2014 definitief naar Koksijde moeten komen. Het intensieve gebruik (het heeft tot op heden zo’n 80 vlieguren) verklaart waarom de officiële presentatie van het type in de lente van 2014 plaatsvindt met het tweede toestel dat van de productielijnen van Airbus Helicopter in Donauwörth rolde, waar uitsluitend de NFH90’s worden geproduceerd, de TTH’s in de fabrieken van Marignane.

Vicepremier en Minister van Defensie Pieter De Crem voor het nieuwe werktuig van het 40ste smaldeel.

Een aanzienlijke technologische sprong

De indienststelling van de NH90 vertegenwoordigt duidelijk een technologische sprong voorwaarts voor de Belgische strijdkrachten. De romp, voornamelijk samengesteld uit composietmaterialen, zorgt niet alleen voor een aanzienlijke gewichtsbesparing, maar ook voor een kleinere radardetectie en een betere weerstand tegen slijtage en vooral tegen corrosie, een niet te verwaarlozen factor voor helikopters die voornamelijk in maritieme omgevingen opereren, dat wil zeggen in zoutige lucht die zeer schadelijk is voor metalen constructies.

De rotorbladen van composietmateriaal met titanium bieden een opmerkelijke stijfheid en veroorzaken zeer weinig trillingen; ze zijn bovendien uitgerust met een ontdooisysteem waardoor in koude en vochtige lucht gevlogen kan worden, een veelvoorkomende situatie in de winter op onze breedtegraden, wat leidt tot ijsvorming aan de voorkant. Dit fenomeen is extreem gevaarlijk, omdat het de vliegeigenschappen van de helikopter ernstig compromitteert. Dit geeft het toestel een volledige beschikbaarheid onder alle weersomstandigheden, wat veel beperkter was voor de Seaking, die door de NFH90 wordt opgevolgd.

De meest significante technologische vooruitgang ligt echter veruit in de avionica en elektronica. De NFH90 beschikt over elektrische besturingen die een precieze besturing mogelijk maken, wat bijzonder welkom is bij complexe manoeuvres zoals landen op het achterdek van fregatten die op volle zee varen. De nieuwste generatie avionica beperkt zich niet alleen tot de glass cockpit (weergave en beheer van vluchtparameters), maar omvat ook de actieve en passieve tactische middelen waarmee het toestel is uitgerust.

Een duidelijke operationele vooruitgang

De Belgische NFH90’s zijn specifiek bestemd voor SAR-missies (Search and Rescue of redding) en ondersteuning van de M-klasse fregatten die door de Marinecomponent worden ingezet.

De helikopters die door het 40ste smaldeel in dienst zijn genomen, omvatten een Electronic Warfare System (EWS) voor elektronische oorlogvoering, aangevuld met thermische en metalen afleidingsmiddelen, een Front Looking Infra Red (FLIR) camera in de bol onder de neus, een tactische 360° European Naval Radar (ENR) onder de grote radome onder de romp, een aanmeersysteem aan dek en in- en uitrijden van de hangar op het fregatdek, een automatische inklapping van de rotorbladen en het staartvlak met antikoppelrotor. De door België bestelde NFH90’s onderscheiden zich verder, vergeleken met toestellen geleverd aan andere naties, door een SX16 Nightsun zoeklicht en bolle patrijspoorten die visuele waarneming tijdens zoekmissies vergemakkelijken.

De machine is indrukwekkend wanneer ze haar buik toont met de ronde radome die de ENR (European Naval Radar) 360° herbergt, de bol op de neus met de FLIR (Front Looking Infra Red); links bevindt zich de lier voor redding in zijn zwarte kuip, de kleine “olifantenoren” aan weerszijden van het midden van de romp zijn de afleidingsmiddelen.

 

De RN02 in vlucht met uitgeschoven landingsgestel onthult het bolle centrale raam om de taak van de waarnemers te vergemakkelijken.

Bovendien wordt de operationele capaciteit ook versterkt door minder zichtbare middelen die het interventiespectrum van de toestellen aanzienlijk vergroten, zoals de TACCO/SENSO consoles in de cabine en de hardware- en softwarefaciliteiten voor telebriefing, cruciaal wanneer de helikopter in de lucht is, evenals de datalink 11 (Datalink 11) van onbetwistbaar nut en efficiëntie wanneer de machine is geïntegreerd in een operationeel geheel met diverse systemen van verschillende NAVO-landen.

De neus van het beest onthult zijn vele operationele attributen en de registratie RN02 bovenaan de cockpit, net achter de kabelknipper.

De Seakings hebben uitmuntende en vooraanstaande diensten geleverd op het gebied van zoek- en reddingsoperaties op zee, maar de NFH90’s vormen een belangrijke vooruitgang op dit gebied voor de interventies waarvan het 40ste smaldeel de verantwoordelijkheid draagt voor de FIR (Flight Information Region) van Brussel, die België en een uitgestrekte sector in de Noordzee, voor de kust, beslaat.

De verhouding van 2,9 manuren onderhoud per effectief vlieguur vormt ook een aanzienlijk pluspunt in het beheer van de operationele capaciteit van de NFH90-vloot. De ontvangst van de NFH90’s en de geleidelijke opleiding van het personeel op de nieuwe helikopter, die ongeveer 17 weken (waarvan 6 in een simulator) en 40 vlieguren voor het vliegend personeel vereist, maakt het mogelijk om de eerste SAR-missies met de NFH90’s medio 2015 te overwegen, aanvullend op de Seakings, en de volledige overname door het nieuwe toestel medio 2016. De Seakings kunnen dan met een welverdiend pensioen gaan na een veertigjarige carrière die opmerkelijk was door de kwaliteit en effectiviteit van hun interventies, evenals de afwezigheid van grote ongevallen of incidenten gedurende zo’n lange operationele levensduur.

De twee toestellen die de NFH90 zal vervangen, respectievelijk eind 2020 en medio 2016: de Alouette III OT-ZPB/M-2 ex-maritieme helikoptervlucht in dienst sinds maart 1971 en de Westland Seaking RS02 die in november 1976 werd toegewezen aan het 40ste smaldeel.

Een groter potentieel voor marineoperaties

De vier NFH90’s zullen dus de vijf Seakings vervangen voor SAR-missies, maar ook de drie Alouette III’s van de voormalige marinehelikoptervlucht. Deze waren niet alleen bestemd voor SAR-missies als aanvulling op de Seakings, maar vooral voor operaties vanaf marineplatforms tijdens korte of langeafstandsmissies. Zo werd jarenlang regelmatig een Belgische Alouette III gedetacheerd op schepen van de Koninklijke Marine tijdens langdurige missies in het Caribisch gebied om daar de drugshandel over zee tussen een myriade van eilanden voor de kusten van het zuidwesten van de Verenigde Staten te bestrijden. De antipiraterijmissies die door Belgische fregatten in de Indische Oceaan voor de Somalische kust werden uitgevoerd, profiteerden ook van de steun van de Alouette III’s, die ook deelnamen aan tal van andere verre projecties.

Groepsvlucht van de gloednieuwe NFH90 met registratie RN02 met de Seaking RS04 die in de schaduw van zijn opvolger vliegt.

De recente acquisities van de Marinecomponent, met name de M-klasse fregatten Leopold I en Louise-Marie, zijn identiek aan die van de Nederlandse marine en hun achterdek met hangar biedt plaats aan imposante helikopters zoals de NFH90’s, wat de operationele capaciteiten substantieel vergroot. Geïntegreerd in de Luchtcomponent, zet de marinehelikoptervlucht haar missies op Alouette III dus voort in symbiose met het 40ste smaldeel in Koksijde. Het potentieel van de drie machines is zodanig dat hun uitdienstname ten gunste van uitsluitend de NFH90’s niet vóór eind 2020 is voorzien… Dan zal het precies 49 jaar geleden zijn dat de eerste Alouette III in dienst werd genomen bij de toenmalige Belgische Zeemacht, namelijk de OT-ZPA/M-1 in maart 1971, zonder dramatische incidenten of ongevallen, dus met een opmerkelijke betrouwbaarheid.

De Alouette III’s, net als de Seakings, zullen dus de Belgische militaire luchtvaart goed hebben gediend!

De Westland Seaking met registratie RS04 van het 40ste smaldeel, met aan boord de teams van de nationale televisiezenders, vliegt in het kielzog van de NFH90 RN02.

De nieuwe zware helikopter (maximaal gewicht 10.600 kg) met dubbele turbine (2 Rolls-Royce/Turboméca RTM 322 turbopropmotoren van 2.327 pk) van de Belgische Luchtcomponent versterkt dus zijn operationele capaciteiten voor de komende dertig of veertig jaar, en waarschijnlijk middels enkele onmisbare renovatie- en updateprojecten in de algemene evolutie van militair materieel. De acquisitie van de NFH90’s geeft niettemin een interoperabiliteitsdimensie die nooit eerder werd bereikt, aangezien verschillende andere NAVO- of Europese landen deze hebben aangekocht, met name onze directe buren, de Nederlandse marine en de Franse marineluchtvaart. Voor het eerst in Europa zullen de SAR-missies op zee binnenkort – en voor een lange tijd – worden uitgevoerd door hetzelfde type helikopter, van de noordelijkste punt van de Waddenzee tot aan de voet van de westelijke Pyreneeën.

De bemanning die de NFH90 presenteerde, van links naar rechts: Luitenant Vlieger Jo Balcaen copiloot, Commandant Vlieger Karel Kinable gezagvoerder en Adjudant-majoor Rudy Debergh cabine-operator.

Zie ook, op deze site, de artikelen over de Belgische NH90 TTH’s online geplaatst in

Januari 2013 (www.hangarflying.eu/nl/content/de-eerste-nh-90-geleverd%E2%80%A6-eindelijk), Augustus 2013 (www.hangarflying.eu/nl/content/nh90-belgische-premiere), Maart 2014 (www.hangarflying.eu/nl/content/fly-your-dream-2014).

Tekst en foto’s: Jean-Pierre Decock

Picture of Jean-Pierre Decock

Jean-Pierre Decock

Brevet B de vol à voile en 1958. Pilote privé avion en 1970. Totalise 600 heures de vol dont 70 d’acro. Un œil droit insuffisant empêche toute carrière dans l’aviation. (Co-)Auteur et traducteur de 41 ouvrages d’aviation publiés en 4 langues depuis 1978. Compétences: histoire, technique et pilotage (aviation civile, militaire ou sportive).