Melsbroek, 20 mei 2014. Goed zichtbaar op de tarmac van de militaire terminal bevindt zich de Airbus A321 die pas in gebruik is genomen door de Luchtcomponent van Defensie. Dit toestel volgt, ruwweg volgens dezelfde richtlijnen, de Airbus A330 op waarvoor Defensie op 26 oktober 2009 een leasingcontract had afgesloten met het Franse bedrijf Avico voor een periode van vier jaar, met een jaarlijks vliegurenplafond van 2.000 uur. Dit contract liep af op 31 december 2013, maar om praktische redenen en de vertraging bij het operationeel maken van het vervangende vliegtuig, werd het verlengd tot 24 maart 2014.
Een betere afstemming van middelen op behoeften
De Airbus A330, geleased van het Franse bedrijf Avico en geopereerd door het Portugese bedrijf HiFly (vandaar de registratie CS-TMT die het toestel gedurende zijn hele diensttijd bij de Belgische luchtvaart behield), heeft uitstekende diensten geleverd voor langeafstandstransport. Maar dit toestel met een brede romp (wide body) werd niettemin onderbenut, aangezien het werkelijke gebruik tussen de 1.250 en 1.500 uur per jaar lag, terwijl het contract voor 2.000 uur was afgesloten… Een bijkomend fenomeen was de te grote transportcapaciteit van de Airbus A330, vaak verder dan wat nodig was voor militaire operaties, en ook de nogal brandstofslurpende motoren.
Daarom besloten luitenant-kolonel Marc Leroy, directeur material resources, en zijn team, met goedkeuring van minister van Defensie Pieter De Crem, het A330-contract niet te verlengen, maar dit te vervangen door een toestel met een smalle romp (narrow body) dat optimaal aansloot bij de behoeften van de operaties van de Belgische Luchtcomponent.
Nieuw contract met optimale voordelen
De aanbesteding werd gelanceerd en sloot op 28 augustus 2013. Er waren twaalf kandidaten en slechts drie bedrijven dienden vijf offertes in, met drie Boeing 757’s en twee Airbus A321’s. Na bestudering van deze offertes viel de keuze uiteindelijk op de Airbus A321, aangeboden door Avico en de Portugese operator HiFly. Hun aanbod werd onderhandeld en het contract werd geformaliseerd op 24 december 2013.
Net als bij het A330-contract, bepaalde het A321-contract dat de bemanning zou worden geleverd door het 21ste Smaldeel en de operationele missies zouden worden bepaald en georganiseerd door de 15de Wing, die ook de afhandeling van passagiers en vracht verzorgt. Het leasingbedrijf Avico en de operator HiFly zijn verantwoordelijk voor het onderhoud (behalve het eerstelijns onderhoud dat door militair technisch personeel wordt uitgevoerd) en de verzekering van het vliegtuig. De leaser garandeert ook een vervangend toestel voor elke immobilisatie van de A321 die langer dan drie dagen duurt. Zoals voorheen kan het vliegtuig, afhankelijk van de beschikbaarheid, aan derden worden verhuurd.
| Deze afbeelding van de A321 toont de geopende deuren van de twee laadruimten die gelijktijdig geladen of gelost kunnen worden bij het in- of uitstappen van passagiers. |
Wat de prestaties betreft (in vergelijking met de Airbus A330 van het vorige contract), kan de Airbus A321 tot 153 passagiers meenemen (tegenover 263) over een maximale afstand van 5.400 kilometer (tegenover 10.500).
De besparingen met de Airbus A321 zijn aanzienlijk ten opzichte van zijn voorganger, en niet alleen op het niveau van de huurkosten, maar ook wat betreft de exploitatiekosten en vooral het brandstofverbruik: de totale besparingen bedragen 4,2 miljoen euro per jaar.
Een aanzienlijk curriculum
De Airbus A321 had al heel wat vlieguren op de teller, namelijk zo’n 47.000, op het moment dat hij als CS-TRJ door de 15de Wing in gebruik werd genomen.
Het type Airbus A321-231, kreeg constructienummer 1004 toegewezen en onderging zijn eerste tests onder de Duitse fabrieksregistratie D-AVZI. Hij werd op 23 april 1999 geleverd aan Aero Lloyd die hem intensief gebruikte onder de registratie D-ALAK tot 16 oktober 2003. Het toestel kwam toen onder de hoede van de holding ILFC die hem verhuurde aan de Turkse maatschappij Onur Air waar hij de registratie TC-OAL kreeg tot zijn buitendienststelling en opslag tot november 2013. Vervolgens werd hij door HiFly uit opslag gehaald, dat hem in Portugal registreerde als CS-TRJ om hem vanaf 14 maart 2014 officieel te verhuren aan de Luchtcomponent. Deze A321 werd toevertrouwd aan de werkplaatsen van Lufthansa in Zaventem om aan de door de Belgen geëiste operationele standaarden te voldoen. De meest opmerkelijke ingrepen bestonden uit de installatie van vrachtafhandelingssystemen voor de twee laadruimten, evenals een centrale brandstoftank die enkele problemen veroorzaakte en de levering van het toestel vertraagde tot 9 mei 2014.
De nieuwe aanwinst van de Luchtcomponent was meer dan welkom, want de A321 voerde zijn eerste missie al uit op 15 mei door 134 passagiers en hun bagage naar Bamako in Mali te brengen.
Er moet ook nog worden opgemerkt dat, aangezien België een actieve partner is van het European Air Transport Command (EATC), de nieuw aangekomen Airbus A321 deel zal uitmaken van het mutualisatie- en deelproces van de luchttransportmiddelen van de Europese naties die hierbij aangesloten zijn (zie op deze site het artikel van december 2013, www.hangarflying.eu/fr/content/eatc-une-s%C3%A9rieuse-avanc%C3%A9e-pour-l%E2%80%99europe).
Een nieuw kleurenschema voor transportvliegtuigen
De vliegtuigen van het 21ste Smaldeel worden gewoonlijk “witte vliegtuigen” genoemd, omdat ze bijna volledig in deze kleur zijn geschilderd. De Airbus A321 wijkt hier echter van af, want hij is volledig in parelgrijs geschilderd met lage zichtbaarheidsmarkeringen (wapenschild van België, Defensiemedaille en opschriften). De afwezigheid van driekleurige kokardes op de vleugels en de romp is duidelijk en alleen de zwarte, gele en rode vlag staat op het staartvlak, alhoewel dit een verwijderbare sticker is die kan worden verwijderd bij een inzet in een zogenaamde “gevoelige zone”, wat het geval was voor de allereerste missie van de CS-TRJ naar Mali.
| Het wapenschild van het Koninkrijk België, voor het eerst weergegeven in lage zichtbaarheidsversie op de A321 van Defensie. |
Uiteindelijk blijkt de keuze van de Airbus A321 door de generale staf verstandig en voordelig, en stelt België in staat zijn positie als competente en betrouwbare NAVO-, EATC- en Europese partner op het hoogste niveau te behouden.
| Vlag correct geplaatst in april 2014 op de staart van de CS-TRJ met ook het Defensie-embleem in lage zichtbaarheid. (Foto Kevin Cleynhens) |
Tekst en foto’s: Jean-Pierre Decock

