-A A +A

No guts, no glory. Met drie rond de wereld in een zelfgebouwd vliegtuig

Wevelgem, 27 februari 2010. Anthony Caere van de Flying Juniors belt uit de auto. Hij is onderweg naar Wevelgem en weet te vertellen dat de dag voordien zijn kist goed de technische keuring wist te doorstaan. Hij is dolgelukkig. Je zou voor minder.

Ook ik kan het niet laten. Ik wip in de wagen en scheur naar Kortrijk. Die namiddag is Anthony Caere in de weer met het uittekenen van afstanden tussen diverse ijkpunten van de kist. Een akkefietje dat alsnog aan het officiële dossier moet worden gehecht. Later op de dag dient zich dan het magisch moment aan; de motor gaat in gang. Het brandblusapparaat staat binnen handbereik maar de motor loopt vlot. Een technische nabespreking volgt tussen enige specialisten-technici: iedereen knikt instemmend. Het avontuur kan algauw beginnen. Nu eerst nog testvliegen. De wereld is voor de Flying Juniors vandaag wel heel dicht binnen bereik.

Moet je nu de vleugel ’s zien, met perfect uitgebalanceerde rolroeren.

Laat mij even terugblikken op het voorjaar van 2005. In een tearoom in het centrum van Torhout ontplooit Anthony Caere bij de koffie met taart, zijn plannen om met twee vrienden Rond de Wereld te vliegen in een zelf te bouwen sportvliegtuig. Ik luister aandachtig en mijn vertrouwen in het project groeit met de minuut. Vijf jaar lang zien we elkaar geregeld en vandaag is de kist met de crew klaar voor het Grote Avontuur.

Het zal stilaan goed beginnen kriebelen, daar ten huize van the Flying Juniors. Na jaren dag en nacht, elk uur, elke minuut, elke seconde door te hebben gebracht in de ban van de Grote Reis rond de Wereld die ze al plannen sinds 2005, en na jaren niets te hebben ingeademd dan epoxyhars, remvloeistof, ijzervijzel en vliegtuigdocumenten, zit de Grote Reis rond de Wereld voor the West-Vlaamse Flying Juniors er nu dan toch aan te komen. En het is echt wel tijd dat het eraan komt, beaamt Anthony Caere volmondig.

Wat ooit een vliegtuig worden zal voor een trip rond de wereld.

Het zijn durvers, die Flying Juniors. Ze hebben met een Piper Archer van de Noordzee Vliegclub in de eerste jaren van deze eeuw heel wat afgereisd. In Lybië vlogen ze ooit haast in het cachot, om maar te zeggen. Maar ja, Flying Junior Bart Adriaens (°1980), is een lefgozer en weigert steevast gas terug te nemen als een obstakel zich aandient. Bart is wereldwijd werkzaam en dan ben je best ’n ferme doorduwer. Voor Flying Junior Anthony Caere (°1981)  is het allemaal gelijk, als het maar uitkomt zoals hij het zich voorstelt. De expertise die daarvoor nodig is, legt hij het beste aan de dag. Om nuchterheid middels droge humor te brengen in het trio en daar bovenop heel wat vliegexpertise, is er Hans Engels, beroepspiloot (°1985).

Een durver, een doe-het-zelver en een nuchtere kei, de Flying Juniors is een opperbest trio.

De M212 van de Flying Juniors: een titanenwerk.

In de vijf jaar die de Flying Brothers nu al werken aan hun Reis rond de Wereld, is er heel wat gebeurd. Er is sponsorgeld ingezameld en er zijn afspraken gemaakt. Een wel zeer belangrijke was deze met vliegtuigingenieur Filip Lambert uit Wevelgem. In de gebouwen van de Kortrijkse vliegtuigconstructeur ontstond de M212, een eenmotorig vliegtuig met driebladige schroef en vier zitjes. Bij aanvang zou een dieselmotor zijn ingebouwd met jetfuel als brandstof, maar naderhand is toch gekozen voor een klassieke vliegmotor met een jarenlange traditie. Dat was een zeer moeilijke keuze, zo weet Anthony Caere nog. De zitjes achterin zijn ingeruild voor een fuelbag van 600 liter. Het brengt het totaal aan beschikbare brandstof op 900 liter. Met dit gewicht aan volle tanks komt de M212 niet van de grond (>MTOW).

Ook erg gewaardeerd is de zeer belangrijke inbreng van weerman David Dehenauw. Het is deze man die het trio op de vlucht rond de wereld de weg zal wijzen doorheen het beste weer. Zonder de zegen van Dehenauw blijven de Flying Juniors aan de grond.

Onvoorstelbaar veel werk is er voor de Flying Juniors verzet door Jetex. Dit bureau voor vluchtvoorbereiding uit Dubai regelt geheel de vlucht voor wat betreft overvlieg- en landingsrechten, de handling op de vliegvelden, de visa’s, vaccins, verzekeringen, vliegkaarten, ... Een klus die inderdaad het best door profs wordt geklaard. De route die zal worden gevlogen, wijzigt nog dagelijks in functie van wat Jetex bewerkstelligt.

De route rond de wereld brengt het trio geregeld over lange strekken oceaan waar het zeewater tussen 18 en 24° C warm is. Er een bad nemen is niet iets wat de Flying Juniors plannen maar als die molen daar voorin het begeeft moet er wel worden geland op het water. Deze kunst en dat van een paar dagen te overleven op zee, wordt geleerd van Walter Van Weymeersch, de chef-rescueduiker op rust van het 40ste Smaldeel te Koksijde. De uitrusting die hierbij vereist is, wordt in samenspraak samengesteld. Eveneens een gigantische klus.

In september van 2009 presenteren de Flying Juniors het zelfgebouwd vliegtuig op de Groenmarkt te Antwerpen. De trip rond de wereld krijgt vorm.

En dan is daar nog zanger Raf Van Brussel, peter van het project en de man die de deur open houdt naar de media.

De kist die dezer dagen van Wevelgem naar Oostende wordt overgebracht voor de eerste vlucht staat al mooi op slanke poten te blinken. Het vliegtuig lijkt al zin te hebben in het fantastisch avontuur: dik 38.678 km vliegen, de wereld rond, overheen alle oceanen van de wereld, aan 250 km/u en dat in 23 en nog wat dagen, goed voor dik 160 uren vliegen. Verloren vliegen kunnen we niet, zegt Anthony Caere goedgemutst. Een blik op de avionica geeft de vlieger gelijk: het instrumentenbord is het neusje van de zalm met alle back-ups die er maar beschikbaar zijn voor vele euro’s. Knap.
 
Om nu niet nog meer het voorbeeldige geduld van de sponsors op de proef te stellen, gaat de wereldvlucht allicht dit voorjaar van start. Het trio is er alvast klaar voor. All systems are ready and set to go. Maar het is David Dehenauw die het sein op groen moet zetten. Pas dan komt Corfu in zicht, daarna Cyprus, Dubai, Ahmedabad en Bangkok, vervolgens de Filipijnen en Micronesië om via de Marshalleilanden op te stomen richting Hawai. Daarna rijgen zich niet minder dan 4036 kilometer aaneen om in één ruk te landen op Amerikaanse bodem. De strek Hilo/Hawai-Carlsbad/USA is inderdaad de langste op de vliegreis van de Flying Juniors. Het gaat vanuit Californië  naar de Amerikaanse Oostkust om vervolgens via de Azoren in Biarritz in Frankrijk weer op Europese grond te belanden. En daarna volgt gegarandeerd een triomfvlucht naar Oostende. Het weze ze gegund!

De kist van de Flying Juniors heeft een motor en die draait naar behoren! (27 februari 2007)

Onderweg zijn een paar dagen rust en onderhoud van de kist voorzien. Een vliegtuig zelf bouwen, heeft het onvoorstelbaar grote voordeel er zelf te mogen aan sleutelen. Onderweg onderhoudsklussen laten klaren door werktuigkundigen van aldaar, zou een dure zaak zijn geweest. Zo zitten er in de materiaalkist beslist een torquesleutel en een bindtank voor als onderweg de olie is vervangen of een gloeikaars. Maar Anthony Caere is niet bang om zijn handen vuil te maken, sleutelen aan vliegtuigen is immers zalig.

Na gedurig, steeds weer problemen voor de voeten te zijn geworpen, en deze vakkundig en geduldig te hebben opgelost, zijn de Flying Juniors dit voorjaar klaar voor het avontuur van hun leven.

Na zo’n geweldig doorgedreven voorbereiding, na zich te hebben verzekerd van de best beschikbare expertise op alle vlakken, na een fenomenaal vliegtuig te hebben gebouwd, wordt de reis van de Flying Juniors rond de Wereld weliswaar geen toeristisch wandelingetje, maar lukken zal het. Geloof verzet bergen. Geloof in eigen kunnen, evenzeer. Ik ben zeer onder de indruk en zeg bewonderend, goe bezig gasten!

Tekst en foto’s: Guido Bouckaert