-A A +A

Einde van de Heraldis autogyro in Grimbergen (deel 2)

Grimbergen, 22 januari 2012. In het eerste deel van dit artikel beschreven we het ongeval op 4 augustus 1948 van de Avro 671 Cierva C.30A Autogyro OO-ADK. We kregen daarop heel wat positieve reacties, een selectie daaruit die willen wij u niet onthouden.

Expo 1958.
Auteur Adelijn Calderon merkte op dat in het Spaans paviljoen van de wereldtentoonstelling Expo 58 ook een Cierva autogyro tentoongesteld werd. 

Een Cierva-autogyro tijdens Expo 58 in Brussel. (Archief Adelijn Calderon)

Autogyro in Lier
Van Jules Bastyns, de nestor onder de piloten van Keiheuvel, komt volgend prachtig verhaal: “In de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog, zo vanaf 1946, begon de sportvliegerij in ons land heel snel terug te bloeien. Denk maar aan Keerbergen en Cogea. Sommige nieuwe firma's zagen hier al vlug snel gewin door ‘vliegmeetings’ te organiseren ergens ‘op den buiten,’ vanaf een of andere weide van enkele honderden meters groot. Men vroeg inkomgeld en gaf luchtdopen.  De piloten waren meestal vlug opgeleide jonge gasten en het aantal accidenten was navenant. Het toenmalige Bestuur der Luchtvaart was blijkbaar zeer tolerant.
 
Als prille tiener-spotters maakten we al onze verplaatsingen vanuit Lier per fiets, ook naar Keerbergen, Grimbergen, Melsbroek, enz. In 1947 werd er in Lier (wijk Kortstaartmolen tussen Lier en Boechout, nu helemaal verkaveld) een vliegfestijn georganiseerd met vliegtuigen van de Compagnie commerciale d'Aviation et d’'Automobile SA (COCA). Ze hadden  toen dertien Aeronca 7AC Champions, de meeste met registraties in de reeks OO-TW.  en de typische fabrieksschildering in geel en rood. Ze hadden ook vier Aeronca  11AC Chief in geel en blauw.  Samen met de gebroeders Willy en Louis De Laet trokken we enthousiast naar dit vliegfeest. Ik was toen veertien jaar en kreeg er mijn luchtdoop met zo'n jonge piloot in de Champion OO-TWC, waarvoor mijn pa, als ik me goed herinner, toen veel geld betaalde. Mijn geboortestad Lier voor de eerste maal uit de lucht aanschouwen was voor mij, na al wat we tijdens de Tweede Wereldoorlog hadden meegemaakt, een onvergetelijke belevenis! Pa was ‘Pilote Aviateur Militaire’ geweest van 1925 tot mei 1940 maar had in 1947 geen vergunning meer, later wel in Keerbergen. Op dit vliegfestijn (we waren toen niet veel gewoon!) was er ook een Brits geregistreerde Cierva autogiro in lichtgroene kleur en dat zal hoogstwaarschijnlijk de G-AHXI geweest zijn uit het eerste artikel over de crash van de autogyro in Grimbergen. We noteerden toen nog alle kleuren want alleen zwart-witfoto's lagen in ons financieel bereik. Foto's van deze autogiro hebben we toen niet genomen om de eenvoudige reden dat we dit toen niet als een ‘normaal’ vliegtuig beschouwden, en het ons niet echt interesseerde. “

Richting Zweden
Gary Jones van de Gatwick Aviation Society (UK) maakt mij er attent op dat de G-ACWO omstreeks 1949 aan Zweden verkocht werd als reserveonderdelen voor de autogyro Cierva C.30A SE-AZA. Volgens onze gegevens was de G-ACWO aangeboden aan de Gentse luchtvaartmakelaar V. & L. De Baerdemaecker. Dankzij Olaf Poulsen, medewerker van V. & L. De Baerdemaecker en lid van de Ghent Aviation Club (GAC), had de makelaar goede contacten met de Noorse landen. Het lijkt ons dus aannemelijk dat de spare parts van de G-ACWO, na het ongeval in Grimbergen met de OO-ADK, aan Zweden zijn verkocht.

Haren
In deel 1 schreven we dat een Cierva autogyro in 1928 gedemonstreerd werd op het vliegveld van Haren-Evere. Piet Dhanens stuurde ons een foto van deze autogyro Avro 617 Cierva 6.8L Mk.II G-EBYY, vermoedelijk genomen op Haren.  Een Cierva met deze registratie staat nu in het Musée de l'Air et de l'Espace in Le Bourget, ik kan niet bevestigen of het inderdaad dezelfde autogyro betreft.

Een zeldzame foto van de autogyro G-EBYY, vermoedelijk genomen tijdens de demonstratievluchten in 1928 op Haren. (Archief Piet Dhanens)
De Avro 617 Cierva 6.8L Mk.II G-EBYY gefotografeerd in het Musée de l'Air et de l'Espace in Le Bourget. (Foto Guy Viselé)

Poulsen
In deel 1 beschreven we hoe Olaf Francis Poulsen via luchtvaartmakelaar ‘V. & L. De Baerdemaecker’ betrokken was bij de verkoop van de Avro 671 Cierva C.30A Autogyro (c/n R3/CA/41) G-AHXI van het Britse Southern Aircraft Ltd aan Heraldis. Piet Dhanens stuurde ons extra informatie over Olaf Poulsen, informatie ondermeer afkomstig van de Deense ambassade in Brussel.

Dankzij de informatie van de ambassade kon Poulsen geïdentificeerd worden op de bijgevoegde foto. De foto werd genomen door Donald Jarvis, butler en huisbediende van Poulsen.

Olaf Poulsen zit op het zwart paard links van de OO-DEO, het is de man met het zweepje. De Piper Cub werd door hem gebruikt maar stond niet op zijn naam geregistreerd, niet-Belgen konden immers geen vliegtuig Belgisch laten registreren. (Archief Piet Dhanens via Allan Busck-Nielsen)

Ook Deense kranten maken fouten. Via de familie Allan Busck-Nielsen kon Piet Dhanens ons volgende correctie bezorgen. We schreven dat Olaf Poulsen op 24 juli 1937 in St Buryan ( Londen) trouwde met Lorna Duncombe. In werkelijkheid huwde hij op 24 juli 1937 met Betty Paynter van Boskenna Manor (Cornwall) in St Buryan ( Londen). Hij trouwde een tweede maal met Lorna Duncombe, een dame van de Women's Royal Naval Service (WRENS) die hij in Indië had leren kennen. Aan zijn lijst met eretekens kunnen we toevoegen dat hij op 8 augustus 1946 ook onderscheiden werd als Member of the British Empire, als erkenning voor zijn verdienstelijke optreden als Foreign Intelligence Officer verbonden aan de speciale afdeling Criminal Investigation Department. Het familiegraf van Poulsen (www.aviationheritage.eu/nl/content/graf-olaf-poulsen) wordt gelukkig goed onderhouden door de familie Allan Busck-Nielsen.

Voor de liefhebbers van mooie villa’s en kastelen meldde Piet Dhanens nog dat aan het Mieregoed 51 in De Pinte, het kasteel van Hemelrijk staat, bij de oudste Pintenaars ook wel bekend als het kasteel Poulsen. Het was reder Hans-Christiaen Poulsen, de vader van Olaf Poulsen, die als nieuwe eigenaar tussen 1921 en 1927 het oorspronkelijk uit 1840 daterende lusthof zijn huidige uitzicht met drie verdiepingen liet geven en er een buitenzwembad, een overdekte wintertuin, een tennisveld en een woonhuis voor de chauffeur en hovenier liet maken. Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft Hans Poulsen zijn kasteel moeten verkopen, in 1946 kon hij het terugkopen. Ondertussen is een achterbouw van 360 vierkante meter uit die tijd verdwenen. Het kasteel ligt in een park van 35.610 vierkante meter. In 2007 werd het te koop aangeboden nadat de toenmalige eigenaars, stichters van de diepvriesproductenfirma O'Cool, het pand na twintig jaar om gezondheidsredenen van de hand deden.

Met dank aan Jules Bastyns, Adelijn Calderon, Piet Dhanens en Gary Jones.

Frans Van Humbeek