-A A +A

Belgische jachtvliegtuigen in Kandahar

Kleine Brogel, 19 januari 2011. Het is de bevelhebber van de 10de Taktische Wing van Kleine Brogel die de lezers van het huisblad “Bij ons in KB” komt vertellen over de missie van zijn Wing in Afghanistan. Er mag niet worden gefilmd noch mag de uiteenzetting op band worden opgenomen. Hangar Flying is toegestaan nota’s te nemen met het oog op dit artikel, waarvoor dank.

Oorlogsinspanning
Het is een gigantische oorlogsinspanning die Defensie in september 2008 in Afghanistan in gang zette na een eerder omstreden politieke pennentrek van de Belgische regering eerder in het jaar op 1 februari. Dat het kostenplaatje aan de operatie hoog is en door het Rekenhof wordt berekend op 76 miljoen euro voor het jaar 2009 en op 109 miljoen euro voor het jaar 2010, weegt niet op tegen de militaire inspanningen die door de mannen en vrouwen van de Belgische Defensie worden opgebracht en het goede resultaat ervan.

Afghanistan is geen ver-van-mijn-bed-show. (Kaart UN)

Onze medeburgers in uniform en betrokken in deze militaire operatie maken immers een verre verplaatsing, leven voor ze terugkeren vier maanden gescheiden van hun familie in door beton beschutte onderkomens die ze nooit mogen verlaten en waar soms mortiergranaten inslaan, of ze voeren gevechtsopdrachten uit. Het zijn stevige karakters die in deze omstandigheden het hoofd koel houden in een letterlijk immense hitte (of koude: +55/-25°C), in een stoffige wereld die neus, keel en oren dichtplakt en waar de grondverplaatsing slechts aan vijf km/h kan gebeuren omdat bij hogere snelheden te veel talkachtig zand wordt opgeworpen.

12 November 2008: Belgisch jachtvliegtuig boven Afghanistan met flares. (Foto USAF/SSgt. Aaron Allmon)

Om de politiek opgelegde taak uit te voeren is door de luchtcomponent van Belgische Defensie een gigantisch apparaat in gang gezet dat ongelooflijk goed geolied loopt. Niet alleen de algehele verplaatsing van het materiaal daarheen en het uitvoeren van de opdracht aldaar verloopt perfect, maar ook het gedurig bijhouden en registreren van de dagelijkse gang van zaken zoals kwalificaties (onder meer kennis van eerste hulp bij ongevallen), vaardigheden (bijvoorbeeld schieten), tandartsbezoek en inentingen ...

Operation Guardian Falcon
Voor deze opdracht in het buitenland die de naam kreeg van Operation Guardian Falcon (OGF), zijn aanvankelijk vier (1 september 2008) en sinds de zomer van 2009, zes Belgische jachtvliegtuigen aan het werk in Afghanistan. Zij zijn er om onder UN-mandaat steun te verlenen aan de grondtroepen van het International Security Assistance Force (ISAF), een internationale troepenmacht die de orde in het land wil herstellen en daarbij ingaat tegen de guerrilla die de Taliban en Al Qaida er voert.

Moderne oorlogsvoering is intussen helemaal anders dan wat wij ons herinneren van de geschiedenislessen in school over WO2 waarbij enkele pathfinders een doel vanuit de lucht markeerden en daarna een bomtapijt neerkwam dat niemand ontzag. Vandaag worden oorlogsmissies gevlogen onder het toezicht van juristen en de Rules of Engagement (ROE) zijn zeer strikt omschreven. Bij de Belgische jachtvliegers vliegt op de bovendij zo’n flowchart mee die cascadegewijs wordt afgevinkt als een aanval op een vermeend vijandelijke doel wordt ingezet. Vandaar dat de Belgen na zesduizend uren vliegen in oorlogsgebied nog geen enkel (burgerlijk) slachtoffer hebben gemaakt.

12 November 2008: patrouille van Belgische jachtvliegtuigen boven Afghanistan. (Foto USAF/SSgt. Aaron Allmon)

De toestellen van Belgische Defensie die luchtsteun verlenen aan de internationale ISAF- troepenmacht zijn gestationeerd op de luchthaven van Kandahar (KAF) in Zuid-Afghanistan waar de papaver volop tot bloei komt en garant staat voor de wereldproductie van 90% van alle heroïne. De vliegtuigen komen uit de Belgische vloot van F-16’s en worden na 300 uren vliegen (zowat honderd sorties) terug naar België gebracht voor groot onderhoud. De vlucht daarheen duurt tot acht uur waarbij de jachtvliegtuigen gebruik maken van tankvliegtuigen die “slechts’ 800 km/h vliegen. Er is een noordelijke en zuidelijke vliegroute naar Kandahar waarbij de noordelijk de moeizaamste is wegens de overvliegprocedures. Wie meevliegt in de Airbus van de Belgen doet dat aan 850 km/h; de C-130 daarentegen dendert door de lucht aan “maar” 500 km/h en dan doet de verveling tijdens de 15 uur durende vlucht algauw z’n intrede. Niet-vliegend materiaal wordt per container vanuit Antwerpen naar Karachi in Pakistan verscheept en vervolgens met vrachtwagens naar Kandahar gereden.


Inzetbaar
De Belgische jachtvliegtuigen zijn op afroep inzetbaar. Twee toestellen vliegen gedurig patrouilles tot drie uur lang, twee andere vliegtuigen zijn stand-by en binnen het half uur in de lucht. Ze vliegen vanaf KAF waar ze zijn ondergebracht in shelters of onder zonwerend canvas. Ze zijn bewapend met bommen, de ene gps-geleid, de andere laser-geleid. Het doel wordt elektronisch in de bommen ingesteld, eventueel door een ISAF-officier aan de grond belast met Forward Air Control (FAC). Ook deze militair op de grond krijgt op zijn computerscherm de info en beelden die de vlieger waarneemt via een sniper targeting-pod met camera onderaan de romp van zijn vliegtuig gemonteerd. Vanop drie (!) kilometer hoogte waarop de Belgische gevechtsvliegtuigen doorgaans opereren, dat is buiten het bereik van vuurwapens van korte dracht, is daarbij duidelijk te zien of bewegingen op de grond als vijandelijk kunnen worden aangemerkt. Ook het boordkanon wordt ingezet; daarbij gaan in dik vijf seconden 510 stukken munitie van 20 mm doorsnede naar het doel.

  Een product van Lockheed Martin: de Sniper Advanced Targeting Pod. (Foto Lockheed Martin)

Voor de eigen veiligheid dragen de Belgische gevechtsvliegtuigen aan beide vleugeltippen nog een sidewinder voor lucht-lucht gevechten. “Dat is eerder voor het goed gevoel van veiligheid”, zo merkt de Belgische bevelvoerder van 10 W TAC nog op.

Belangrijk in de huidige oorlogsvliegerij is het nachtzicht, hetzij met goggles maar beter nog met HMDS (Helmet Mounted Display System). Hoeft de vlieger niet meer de ogen naar de neus van zijn toestel te richten om vlieg- en andere informatie af te lezen op de HUD. Waarheen de piloot met HMDS ook kijkt, steeds is alle info in zicht.

De HMDS (Helmet Mounted Display System) van de toekomst, deze voor de F-35-piloot. (Foto Code One Magazine)

Belgische gevechtsvliegtuigen vliegen duidelijk niet voor Operatie Enduring Freedom (OEF) die is ingezet en onder leiding staat van de VS maar wel, zoals eerder gezegd, voor de ISAF-operaties van de VN. Dat zijn verkenningsvluchten, konvooibegeleiding en de bescherming van de eigen grondtroepen middels luchtsteun. De Belgische piloten kunnen tijdens hun opdracht direct worden teruggeroepen door de Red Card Holder, dat is een Belgische officier die gevestigd in het ISAF-hoofdkwartier te Kaboel en de juridische aspecten van de oorlogsdaad toetst aan de geldende, strenge Rules of Engagement.

De huidige oorlogsvliegerij is daarbij een uiterst precies gebeuren waarbij doelen worden geraakt binnen een beperkt gebied van zelfs maar enige vierkante meter en met onderscheid van vriend of vijand. En ook al vliegt de moderne oorlogsvliegerij onder zeer strikte ROE, een nieuw element dook op; dat van de psychologische begeleiding in de persoon van de Raadgever Mentale Operationaliteit (RMO). Soldaten zijn dan wel gehard, maar het is intussen algemeen aanvaard dat bij daden van oorlogsvoering de menselijke geest wel een en ander te verduren en te verwerken krijgt en dit is dan ook een punt van aandacht bij Belgische Defensie.

Kandahar
De vliegers die door Belgische Defensie op Kandahar gestationeerd zijn, worden door talrijke collega’s geflankeerd met alle taken vandien. De piloten komen om de twee maand naar huis, de collega’s om de vier maand. Belgische militairen in Afghanistan worden natuurlijk direct naar huis gebracht als zich thuis een ernstige toestand voordoet, met een familielid bijvoorbeeld. 

De detachering naar Afhanistan gebeurt zowel vanuit Kleine Brogel als vanuit Florennes waarbij de ene Wing als leading wing fungeert en de andere als support wing en vice versa waarbij de support wing de gaten opvult die door de leading wing zijn open gelaten.

Het mandaat van België in Afganistan loopt af in 2011. Intussen is duidelijk geworden hoe performant de Belgische jachtvliegtuigen er in oorlogsomstandigheden wel zijn en dat zij het kostenplaatje optimaal invullen. Het risico beperkend, staan zij voor bijzonder goede resultaten en worden zij hiervoor door de coalitiepartners zeer gewaardeerd.

F-16 met Sniper Targeting Pod. (Foto Lockheed Martin)

Deze uiteenzetting ging door voor de abonnees van het tijdschrift ‘Bij ons in KB’ dat jaarlijks in drie edities informeert over de 10de Taktische Wing van Kleine Brogel en dat prettig is verwoord en mooi geïllustreerd.  Een abonnement kost 20 euro, een bedrag dat is over te schrijven op rek. nr. 001-1756019-07 van de Kas Bijz. Diensten van 10 W TAC met vermelding “Bij ons in KB-2011”.Meer info hierover bij  els.foblets@mil.be