-A A +A

Belgen in de Gordon Bennett Race 2010

Wevelgem, 2 oktober 2010. In september 2010 deden Gino Ciers en Jürgen Dobbelaere als enige Belgische team mee aan de internationale gasballonwedstrijd Gordon Bennett Race. Hangar Flying volgde de race en de gasballon Belgica II (D-OCOX) via de tracking op www.gasballonvaren.be. We doken even in de geschiedenis van de Gordon Bennett Race en hadden een gesprek met ballonvaarders Gino en Jürgen. <--break->

Het begon met een krantenmagnaat
James Gordon Bennett Jr werd in 1841 in New York geboren. De miljonair was de oprichter van de New York Herald, nu de International Herald Tribune. In 1906 richtte hij de Coupe Aéronautique Gordon Bennett op. Die vond voor het eerst plaats op 30 september van dat jaar en vertrok in Parijs. Aan de Federation Aéronautique International (FAI) schonk hij als prijs een beker voor de piloot die het verste zou vliegen in een gasballon. De race start altijd in het land van de laatste winnaar. In 1939 werd de race geannuleerd omwille van de Tweede Wereldoorlog. Pas in 1983 werd de Gordon Bennett Race terug opgestart in Parijs. Ze heeft ongetwijfeld al de grandeur en het prestige van de vooroorlogse competitie herwonnen.

  De gastlanden geven dikwijls speciale postzegels uit of zorgen voor een speciale afstempeling van de post die meegaat met de ballons. Deze ballonpost die op 3 september 1939 met de Belgica moest meevaren is nooit vertrokken. Twee dagen eerder waren de Duitse troepen immers Polen binnengevallen en de race kon dus niet doorgaan. (Archief Jean-Pierre Lauwers)

Noodlot
In 1921 werd de start op het plein van Solbosch in Brussel gegeven. Een soldaat van een grondploeg die hielp bij de start bleef aan een koord hangen en werd meegesleurd door de Belgische ballon. Ballonvaarder Demuyter kon de man aan boord trekken, hij werd de derde soul on board. De militair zal er wel een onvergetelijke herinnering aan overgehouden hebben maar doordat de ballon zwaarder was ging de eindoverwinning aan Demuyter voorbij. Demuyter wordt algemeen omschreven als een minzaam man maar ik durf te betwijfelen of de extra passagier daar na de vlucht eenzelfde mening op nahield.

Op 23 september 1923 werd de start opnieuw in België gegeven. De ballons stegen weer op van de Solbosch-campus. De weersomstandigheden waren bedenkelijk en enkele teams weigerden zelfs te starten. Drie ballons werden door de bliksem getroffen. Een Spaanse, twee Zwitserse en twee Amerikaanse ballonvaarders verloren het leven boven Belgisch en Nederlands grondgebied.

Op 12 september 1995 sloeg het noodlot opnieuw toe. Drie gasballonnen die deelnamen aan de race kwamen in het luchtruim van Belarus terecht. Hun luchtmacht schoot een kwetsbare ballon genadeloos neer, de twee Amerikaanse piloten werden gedood. De twee andere ballons konden veilig landen maar de bemanningen werden veroordeeld omdat ze niet over de nodige visa beschikten.

Ook tijdens de race van 2010 sloeg het noodlot toe. Op het moment dat we dit artikel afsluiten speurden de huldiensten nog naar Richard Abruzzo en Dr. Carol Rymer-Davis in gasballon N801NM. Er werden geen signalen opgevangen van de Emergency Locator Transmitter (ELT). Wel waren gegevens beschikbaar van de transponder. De kans dat de ballon in een vernietigend onweer is terecht gekomen was zeer reëel. De Abruzzo-familie is erg gekend in Amerikaanse luchtvaartmiddens, in Albuquerque (New Mexico, USA) is er zelfs een ballonmuseum naar hen genoemd (www.balloonmuseum.com).   
 
Belgische winnaars
Tot op heden werd de race tienmaal door een Belgisch team gewonnen. In de jaren twintig en dertig won de Gentenaar Ernest Demuyter met zijn Belgica zes keer de Gordon Bennett Race (1920, 1922, 1923, 1924, 1936 en in 1937). Omdat hij ze drie keer op rij had gewonnen, mocht hij de Gordon Bennett trofee mee naar België nemen. De trofee wordt bewaard in het Museum voor het Leger en de Krijgsgeschiedenis in Brussel. Medepiloten van Demuyter in zijn Belgica waren Mathieu Labrousse (1920), Alexander Veenstra (1922), Leon Coeckelbergh (1923 en 1924) en Pierre Hoffmans (1936 en 1937). In 1925 won het Belgisch team Alexander Veenstra en Philippe Quersin met de Prince Leopold.

Ernest Demuyter, de enige man die tot op heden de trofee in België mocht houden, vertelde in zijn boek "La Navigation Aerienne et les randonnées victorieuses du Belgica" hoe hij in 1910 als zeventienjarige op 21 augustus 1910 voor het eerst alleen een reis met een ballon maakte. Het was een kleine ballon van 300 m3 die ‘De Gentenaar’ was gedoopt. In 1912 haalde hij in Genk (As?) zijn brevet als piloot. Vijf jaar later behaalde Demuyter in Frankrijk zelfs zijn brevet voor een bestuurbaar luchtschip. In 1936 bestudeerde hij de mogelijkheid om met een ballon de Atlantische Oceaan over te steken. In 1938 zetelde Demuyter voor het eerst in de gemeenteraad van Brussel en op 14 november 1939 werd hij volksvertegenwoordiger. Een van zijn medepiloten was Pierre Hoffmans. Deze man was ook gebeten door de luchtvaart en nam ontslag bij de griffie van de Brusselse rechtbank om radiotelegrafist te worden bij Sabena. Bij de oprichting van de Regie der Luchtwegen in 1946, werd hij technisch inspecteur van de radio-navigatiedienst. Een ballonmand van Hoffmans hing in 1958 in het pas geopende luchthavengebouw van Zaventem. We herinneren ons van Hoffmans dat hij steeds een speldje van een ballon op zijn jas droeg. 

Sfeerfoto van de startplaats van de Gordon Bennett in Liège (1938). De Belgica (OO-BFX) staat uiterst links. De overwinning zou dat jaar niet naar Demuyter gaan, wel naar een Pools team. Merk in de achtergrond een mijnterril. Meer info over de Gordon Bennett Races op http://en.wikipedia.org. (Archief Frans Van Humbeek)

In 1999 won het team van Philippe De Cock en Ronny Van Havere (1.667 km met start in Albuquerque-USA met de D-OCOX Belgica II). Bob Berben en Benoît Siméons zegevierden in 2005 (3.400km met start in Albuquerque-USA met de N6326T). Het Belgisch team heeft tot nu toe de langste afstand afgelegd van de deelnemers aan deze trofee (de voorlopig langste vlucht is deze van 92 uur, in 1995 uitgevoerd door het Duits team van Wilhelm Eimers en Bernd Landsmann). In 2006 waren Philippe De Cock en Ronny Van Havere opnieuw de winnaars (2.450 km met start in Waasmunster, opnieuw met de D-OCOX Belgica II). De race moest dus in 2007 door België worden georganiseerd. De start was voorzien in Bosvoorde maar omwille van de ongunstige wind zouden de ballons afgedreven zijn naar Brussels Airport, de race van 2007 werd dus geannuleerd.

Het Belgische team van de Gordon Bennett 2010
Gino Ciers is een gewezen piloot van sportvliegtuigen. Hij vaart met gasballonnen sinds 2004 en heeft ongeveer 2.200 uur ervaring met warmeluchtbalonnen. Voor de Gordon Bennett Race 2010 zat hij in de ballonmand met zijn schoonzoon Jürgen Dobbelaere (www.luchtballon.be), piloot van sportvliegtuigen. Sinds 2008 vaart Jürgen ook met gasballonnen. De meteo werd grondig opgevolgd door Michel De Meyer, in samenwerking met het KMI. De man heeft al verschillende teams geholpen tijdens de Gordon Bennett race. De crew hield contact met Michel door middel van de satelliettelefoon. Gio en Jürgen zijn vol lof over Michel. Deze meteoroloog kijkt niet alleen naar de weersgesteldheid maar weet ook perfect hoe een ballon zich gedraagt en wat de technische mogelijkheden zijn.
 
Even belangrijk is natuurlijk de chase crew, meer bepaald Leon en Anita Eggermont, samen met Jean-Francois Vercruysse. Zij helpen bij de start en proberen contact te onderhouden met de ballon. Amper veertig minuten na de landing van de ballon waren ze al op de plaats van de landing. Hendrik Deleu loste in het grondstation de praktische problemen op van de piloten en de chase crew. Hendrik hielp ook bij de installatie van de electronica in de ballonmand.

Anita, Nele, Miche & Bob Berben, Barbara, Francois en Leon voor de ballonmand van de Belgische ballonvaarders. De Gordon Bennett is teamwork! (Foto Gino Ciers en Jürgen Dobbelaere)

De ballon van de Belgen
De ballon die Gino en Jürgen voor de race gebruikten werd in 2007 aangekocht van Philippe De Cock en bezorgde België dus al twee overwinningen. De ‘D’ in de registratie ‘D-OCOX’ staat natuurlijk voor Duitsland. De ‘O’ staat symbool voor het Belgisch luchtvaartregister. Philippe De Cock had een bedrijf met de naam ‘Cockx Vleeswaren’, vandaar de ‘COX’. De ballon met een volume van 1.000 m³ werd in 1997 gebouwd door het Duitse Wörner (www.ballonbau.de),
de enige grote fabrikant van gasballons. De juiste typeaanduiding is BFS NL-1000/STU. Als eerbetoon aan Demuyter kreeg de ballon de koosnaam Belgica II.

De ballonmand die doorheen het jaar wordt gebruikt, werd vervangen door een ultralichte mand die in bruikleen werd gegeven door Bob Berben. In die speciale mand is ook een soort bed voorzien met een uitklapbaar voeteinde. Gino: “De mand bestaat nog altijd uit rotan. Om wat gewicht te sparen is de competitiemand wat minder dicht gevlochten. Rondom de mand wordt plastic folie gedraaid als bescherming tegen vocht en koude”.

Jürgen (links) en Gino in de mand van hun gasballon, klaar voor de start. Gasballons zijn veel zeldzamer dan heteluchtballons, in de hele wered zouden er maar een honderdtal gasballons actief zijn. (Foto Gino Ciers en Jürgen Dobbelaere)

De mand is 110 cm breed, 125 cm lang en 110 cm hoog. Daarin moeten twee personen dus drie dagen met elkaar optrekken. Gino en Jürgen hebben we ontmoet en wij twijfelen er geen seconde aan dat het in hun geval een zeer aangename belevenis is geworden. Het tweetal is technisch zeer sterk en ze hebben hun weinig comfortabele trip duidelijk met veel humor gekruid.

Jürgen: “Onze ballon is inderdaad Duits geregistreerd. België is het enige land waar het gebruik van waterstof voor ballons verboden is. Voor onze trainingsvluchten vertrekken we in het Duitse Gladbeck. Daar staat een bedrijf dat waterstof als restproduct produceert ”.

De tankwagen staat in Bristol klaar om de Belgica II te vullen met waterstofgas. (Foto Gino Ciers en Jürgen Dobbelaere)

Techniek
Sinds de start van de race in 1906 is de techniek natuurlijk sterk geëvolueerd. Iedere ballon heeft een Inmarsat D+ tracking-apparaat (www.inmarsat.com/Services/Tracking/IsatM2M/) waarmee op de grond de positie, hoogte, snelheid en vliegrichting kunnen gevolgd worden. Verder zorgt Satpro (www.satpro.org) voor de verdere service. De verzegelde tracker bestaat uit een satelliet zender-ontvanger en batterijen die minstens vier dagen operationeel blijven. Via de satelliet wordt om de vijf minuten een signaal met informatie naar de grondstations van Inmarsat gestuurd. Dat signaal wordt dan verder doorgestuurd naar Satpro die het doorgeeft aan de organisatoren van de Gordon Bennett. De tracker zit in een goed geïsoleerde zak, zo ver mogelijk weg van de hydrogen. In de zak wordt de apparatuur zo goed mogelijk beschermd tegen de koude die de levensduur van de batterijën zou beperken.

Jürgen: “Veel goede raad kregen we van Bob Berben (samen met teamgenoot Siméons Benoît winnaar van de Gordon Bennett 2005) en natuurlijk van onze Duitse instructeur Wilhelm Eimers. Hij deed trouwens mee aan de wedstrijd en werd tweede. Deelname aan de Gordon Bennett vereist natuurlijk perfect materiaal. We hadden drie hoogtemeters aan boord, drie GPS-toestellen en drie radio’s. We hadden zuurstof meegenomen maar die hebben we niet moeten gebruiken. Uiteraard was er noodapparatuur aan boord zoals een rubberbootje en ook pakken die ons een tijd drijvende kunnen houden”.

  De route van de Belgica II. (Archief Gino Ciers en Jürgen Dobbelaere)

Verkeersleiding
De organisatie van de Gordon Bennett Race is natuurlijk zeer professioneel. Het Flight Control Centre was gevestigd bij Cameron Balloons Ltd in Bristol. De grote baas Don Cameron was voorzitter en vluchtdirecteur van deze race. De coördinatie met Eurocontrol verliep perfect. Iedere ballon had een eigen squawk-code. Jürgen: “In tegenstelling tot andere teams hebben we onze transponder altijd aangelaten, dat hadden we al voor de race beslist. Sommige teams vroegen de verkeersleiders af en toe om hun transponder af te zetten, kwestie van de batterijen wat te sparen. Op onze batterijën wilden we niet direct besparen. We konden ze opladen met zonnepanelen en dankzij het advies van Battery Supplies uit Waregem (www.batterysupplies.be) die ons toch wel zeer goed materiaal hadden bezorgd”.

Gino: “De Engelse en Franse verkeersleiders waren supervriendelijk. Als je spreekt over de Gordon Bennett gaan er inderdaad heel wat deuren op. De verkeersleider van Perpignan was wel grappig, die bleef maar vragen naar onze aerodrome of destination. Na een tijd is ze dan toch tot het besef gekomen dat we andere plannen hadden dan onze ballon op een of ander vliegveld neerzetten”.

Vullen van de zandzakjes. (Foto Gino Ciers en Jürgen Dobbelaere)

De vlucht
De precieze route kan je bekijken op www.gordonbennett2010.com/tracking.
Gino: “Aanvankelijk hadden we enkel zin om mee te doen, niks meer. Maar eens we in Bristol waren, begon een gezond competitiegevoel de kop op te steken. De ballon wordt op een soort podium gebracht van waarop hij vertrekt. Eens je daarop staat en je hoort de nationale hymne, dan wil je ook er echt voor gaan hoor! We zijn opgestegen op 25 september om 22.39 GMT”.

Tijdens de vlucht draagt de bemanning thermische pakken. Overdag steeg de temperatuur zelfs tot 20° maar ’s nachts daalde die al vlug tot iets onder het vriespunt. De bemanning hield zich aan een strikt schema, telkens twee uur werk gevolgd door twee uur slaap. Slapen daarboven is blijkbaar geen probleem, vooral omdat de vermoeidheid na een tijdje echt parten begint te spelen.

Gino: “In het begin hadden we gepland om niet in Zuid-Frankrijk te landen maar de oversteek te maken richting Palermo. Maar aan het begin van de race hebben we heel wat ballast moeten gebruiken om te kunnen doorstijgen naar 8.000 meter, we moesten dus wel landen in de buurt van Perpignan”.

Prachtige avondfoto van het vullen van de gasballons. (Foto Gino Ciers en Jürgen Dobbelaere)

Jürgen: “De laatste kilometers werden we door hevige venturiwinden in de richting van de Middelandse Zee gestuwd, dat was ons ook voorspeld door de meteoroloog. We hebben de ballon nog net kunnen neerzetten op een schiereiland ten oosten van Saint-Nazaire (27 september, 07.10 GMT), op een smalle strook land tussen het meer van Canet en de Middelandse Zee. Op het allerlaatste hebben we nog een windmolenpark moeten ontwijken. De gemiddelde snelheid die we tijdens de race haalden was 36 km/h maar voor de landing bereikten we toch snelheden van maar liefst 80 km/h. In totaal hebben we 32 uur en 31 minuten gevaren”.

De Belgica II klaar voor het opstijgen. (Foto Gino Ciers en Jürgen Dobbelaere)

Over zakken ballast, het anker en heerlijke maaltijden
Hangar Flying leefde eigenlijk met een paar vooroordelen wat betreft ballonvaarten. Door de gezellige babbel met Gino en Jürgen zijn die gelukkig weggewerkt. Nog uit enkele heerlijke stripverhalen was bij ons het beeld ontstaan dat tijdens de vlucht ballast met volle zakken naar beneden werd gegooid. Dat blijkt niet zo te zijn. Gino: “Varen met een gasballon is veel gevoeliger dan varen met een warmeluchtballon. Meestal is het voldoende om een paar schepjes ballast uit te gooien, meer niet. Bij vriestemperaturen gaat het zand soms bevriezen. We leggen onze thermische pakken dan over het zand om het te doen ontdooien. We hebben ook een hamertje mee om het wat los te kloppen. Tijdens het varen met een gasballon mag je nooit vergeten dat het de ballon is die met ons vliegt en niet omgekeerd. Een gasballon is veel kleiner dan een warmeluchtballon. Al de ballons van de Gordon Bennett hebben een inhoud van 1.000 m3, warmeluchtballons halen al vlug de 5.000 m3. Die 1.000 m3 is eigenlijk de enige beperking die de deelnemers aan de Gordon Bennett Race wordt opgelegd”.

Foto vanuit de Belgica II. (Foto Gino Ciers en Jürgen Dobbelaere)

Verhalen waarin we een anker aan een ballon zien bengelen, mogen we ook naar wereld van de fictie verwijzen. Aan de mand van de Belgica II hing een net met daarin een dertig meter lang  kokostouw, het zogenaamde sleeptouw. Door dit uit te werpen en het stillaan de grond te laten raken, stabiliseert de vaarrichting van de ballon. Het zorgt voor afremming en het is een vorm van ballast dat bij het uitwerpen de daling afremt.

Hangar Flying meende dat de crew in de mand overleefde van een wetenschappelijk uitgebalanceerd dieet. Gino: “Een goed idee is veel waard! Niks daarvan. Naast het water, dat ook als ballast kon gebruikt worden, hadden we een zak mee met een beetje fruit en vooral veel repen Mars en Snickers! Die mondvoorraad was voldoende voor 4 à 5 dagen”.

Gordon Bennett 2011?
Natuurlijk voelde Hangar Flying tijdens het interview dat onze twee Belgische ballonvaarders nu al zin begonnen te krijgen in de Gordon Bennett Race van 2011 met startplaats ergens in Frankrijk. Zullen ze erbij zijn als de gasballons in september 2011, traditiegetrouw bij volle maan, het luchtruim kiezen?

Het interview met Gino en Jürgen ging door op 2 oktober 2010 op het vliegveld van Wevelgem. Die avond was er in Bristol een galadiner met de prijsuitreikingen. In de race waren ze een mooie tiende plaats behaald op twintig deelnemende ploegen. Uit respect voor de twee vermiste ballonvaarders liet het Belgisch team zich verontschuldigen voor het diner.

Frans Van Humbeek